wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Taal Jungle les 5

Total questions: 20

Worksheet time: 40mins

Name
Class
Date
1.

Iemand die op avontuur gaat, noem je een ...

a)

avonturier

b)

expert

c)

survivalgids

d)

gids

2.

We gingen kijken of er gif in zat.

Welk woord hoort erbij?

a)

eetbaar

b)

de bloedzuiger

c)

bevatten

d)

vermijden

3.

Wat is dit voor een beestje?

a)

diervriendelijk

b)

ongedierte

c)

inheems

d)

bloedzuiger

4.

Wat betekent diervriendelijk?

a)

Dat je rekening houdt met wat goed is voor de dieren.

b)

Dat je geen rekening houdt met wat goed is voor de dieren.

c)

Dat de dieren lief voor jou zijn.

d)

Dat je eten en drinken aan de dieren geeft.

5.

Wat is eetbaar?

a)

Als er een heleboel bij elkaar zijn.

b)

Ontwijken, zorgen dat je er niets mee te maken krijgt.

c)

Geschikt om te eten.

d)

Een klimplant.

6.

Als je een expert bent, dan ...

a)

ben je ergens heel slecht in.

b)

denk je dat je ergens heel goed in bent.

c)

ben je een beetje apart.

d)

weet je heel erg veel over een onderwerp.

7.

Dat wat in een land thuis hoort, zoals de mensen en de planten.

a)

inhaams

b)

inheems

c)

binnenland

d)

buitenland

8.

De plek waar een insect gestoken of gebeten heeft.

a)

de huidirritatie

b)

de insectenbeet

c)

de bloedzuiger

d)

ontsmetten

9.

Een plant die omhoogklimt tegen een boom of muur.

a)

klimop

b)

liaan

c)

klimplant

d)

plant

10.

Bultjes, rode plekken of jeuk op de huid.

a)

huidirritatie

b)

insectenbeet

c)

ontsmetten

d)

jeuken

11.

Een tropische plant die als een sliert tegen de bomen aangroeit.

a)

liaan

b)

klimplant

c)

de tropen

d)

het paradijs

12.

Beestjes waar mensen last van hebben, zoals muggen.

a)

wemelen

b)

ongedierte

c)

vermijden

d)

voorkomen

13.

Schoonmaken zodat er geen bacteriën meer op zitten.

a)

vermijden

b)

observeren

c)

ontsmetten

d)

ongedierte

14.

Wat is een paradijs?

a)

Het huis van de koning.

b)

De hoofdstad van Frankrijk.

c)

Een plek waar het heel mooi is.

d)

Een naam.

15.

Een boek met tips om te overleven in de natuur.

a)

de expert

b)

de encyclopedie

c)

de wildernis

d)

de survivalgids

16.

Hij is heel erg aan het zweten.

a)

transpireren

b)

water op zijn hoofd doen

c)

wemelen

d)

vermijden

17.

Ontwijken en ervoor zorgen dat je er niets mee te maken krijgt.

a)

transpireren

b)

wemelen

c)

vermijden

d)

voorkomen

18.

Zij voorkomt dat alle dominostenen omvallen.

Wat betekent voorkomen?

a)

ervoor zorgen dat iets wel gebeurt.

b)

ervoor zorgen dat iets niet gebeurt.

c)

ergens voor gaan staan.

d)

ergens van te voren naar toe gaan.

19.

Als er een heleboel bij elkaar zijn.

a)

wemelen

b)

rondlopen

c)

vermijden

d)

ongedierte

20.

Een gebied waar weinig mensen komen, met wilde natuur.

a)

de wildernis

b)

de tropen

c)

het bos

d)

het paradijs