Font size
S
M
L
XL
Worksheets1HV GR12 H3
Total questions: 11
Worksheet time: 12mins
Name
Class
Date
1.
Bereken.
32−6
Vereenvoudig je antwoord. Bijvoorbeeld 3 1/2
(a)
2.
Bereken
27:−3⋅(6−2⋅5−7)
(a)
3.
Bereken.
−1 61⋅−72
Geef je antwoord in een breuk, bijvoorbeeld 1/2
(a)
4.
10−5⋅(2c−1) voor c=3
(a)
5.
Bereken.
(4+2d)⋅2−5 voor d=−2
(a)
6.
Bereken.
−52−253
(a)
7.
Bereken.
3⋅2−4−(−416−1)⋅−3
(a)
8.
Bereken.
0:−8
(a)
9.
−10⋅4−22−18
(a)
10.
Gegeven zijn de punten A(2,0), B(0,3), C(3,4) en D (-2,3)
Welk punt ligt op de x-as?
a)
A
b)
B
c)
C
d)
D
11.
Gegeven zijn de punten A(2,0), B(0,3), C(3,4) en D (-2,3)
Welk punt ligt op de y-as?
a)
A
b)
B
c)
C
d)
D
Reset
