wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Engels Alicia Keys

Total questions: 22

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Vertaal het volgende woord naar het Nederlands: doctor

a)

dokter

b)

zuster

c)

meester

2.

Vertaal het volgende woord naar het Nederlands: hustler

a)

Verpleegkundige

b)

Taxichauffeur

c)

Straatverkoper

d)

Zwerver

3.

Vertaal het volgende woord naar het Nederlands: nurse

a)

winkelier

b)

verpleegkundige

c)

zuster

d)

juf

4.

Vertaal het volgende woord naar het Nederlands: reporter

a)

verslaggever

b)

agent

c)

dokter

d)

rapportage

5.

Vertaal het volgende woord naar het Nederlands: teacher

(a)  

6.

Vertaal het volgende woord naar het Nederlands: cook

(a)  

7.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: schoonmaker

a)

postman

b)

cleaner

c)

gardener

8.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: winkelier

a)

shopkeeper

b)

officer

c)

bus driver

9.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: taxichauffeur

a)

bus driver

b)

car driver

c)

taxi driver

10.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: postbezorger

(a)  

11.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: patiënt

(a)  

12.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: plek/ plaats

(a)  

13.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: zorgen voor

(a)  

14.

Vertaal het volgende woord naar het Engels: belangrijk

(a)  

15.

Vertaal de volgende zin naar het Nederlands:

It's not the same without you!

a)

Het is hetzelfde zonder jou.

b)

Zonder jou is het niet hetzelfde.

c)

Zonder jou is het hetzelfde.

16.

Vertaal de volgende zin naar het Nederlands:

Great job, well done!

a)

Goed werk, bedankt.

b)

Hard gewerkt zeg, knap!

c)

Goed werk, goed gedaan!

17.

Vertaal de volgende zin naar het Nederlands:

You're doing a great job!

a)

Jij werkt hard zeg!

b)

Jij doet goed werk!

c)

Jij doet je werk altijd!

18.

Vertaal de volgende zin naar het Engels:

Jij geeft nooit op!

a)

You will give up!

b)

You never give on!

c)

You never give up!

19.

Vertaal de volgende zin naar het Engels:

Hij luistert naar je.

a)

He listens to you.

b)

He talks to you.

c)

He explain things.

20.

Vertaal de volgende zin naar het Engels:

Jij legt dingen uit.

a)

You listen to me.

b)

You explain things.

c)

You explain to me.

21.

Vertaal de volgende zin naar het Engels:

Bedankt voor alles!

(a)  

22.

Vertaal de volgende zin naar het Engels:

(denk aan hoofdletters en leestekens)

Jij helpt me!

(a)