wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Kwaliteitszorg - regels Thema 4.13 en 4.14

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Eerlijkheid en respect zijn voorbeelden van waarden.

a)

juist

b)

onjuist

2.

Gedragsregels en rechtsregels zijn af te dwingen door een rechter.

a)

juist

b)

onjuist

3.

Een wet is een door de overheid vastgestelde algemeen geldende, geschreven regel.

a)

juist

b)

onjuist

4.

Ongeschreven regels hebben te maken met de bedrijfscultuur van een organisatie.

a)

juist

b)

onjuist

5.

Protocollen en richtlijnen zijn allebei dwingende voorschriften.

a)

juist

b)

onjuist

6.

Bij het overtreden van rechtsregels kan de rechter straffen uitdelen.

a)

juist

b)

onjuist

7.

Recht is het geheel van rechtsregels, zowel geschreven als ongeschreven regels.

a)

juist

b)

onjuist

8.

Wanneer een verdachte het niet eens is met de uitspraak (het vonnis) van de rechter, dan kan hij in hoger beroep gaan bij de kantonrechter.

a)

juist

b)

onjuist

9.

De Hoge Raad is de hoogste rechter in Nederland.

a)

juist

b)

onjuist

10.

Als pedagogisch werker zorg je ook zelf voor de naleving van regels die gelden binnen de organisatie waar je werkt.

a)

juist

b)

onjuist

11.

De overheid heeft geen invloed op wat mag en niet mag in jouw organisatie.

a)

juist

b)

onjuist

12.

De Awgb verbiedt discriminatie en verplicht gelijke behandeling als het gaat om het aanbieden van werk, huisvesting, goederen en diensten, gezondheids- en welzijnszorg, onderwijs, maatschappelijke dienstverlening en recreatie.

a)

juist

b)

onjuist

13.

In de Wgbh/cz is geregeld dat mensen met een beperking of chronische ziekte recht hebben op gelijke behandeling.

a)

juist

b)

onjuist

14.

De Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) houdt in dat iedereen verplicht is om zijn persoonsgegevens geheim te houden.

a)

juist

b)

onjuist

15.

De Arbowet bevat regels voor werkgevers en werknemers om de gezondheid, de veiligheid en het welzijn te bevorderen.

a)

juist

b)

onjuist

16.

Alleen de werkgever is verantwoordelijk voor het naleven van de Arbowet en het creëren van goede arbeidsomstandigheden.

a)

juist

b)

onjuist

17.

Volgens de Arbeidstijdenwet (ATW) mag je wanneer je 18 jaar of ouder bent, maximaal 8 uur per dienst werken.

a)

juist

b)

onjuist

18.

Als pedagogisch werker ben je verplicht om de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling te gebruiken bij vermoedens van geweld in de huiselijke kring.

a)

juist

b)

onjuist

19.

Elke werkgever of organisatie in Nederland is verplicht een calamiteitenplan (bedrijfsnoodplan) en een bedrijfshulpverlener (BHV'er) te hebben.

a)

juist

b)

onjuist

20.

Scholen zijn verplicht om een beleid te voeren dat erop gericht is om problemen door agressie of intimidatie zo veel mogelijk te voorkomen.

a)

juist

b)

onjuist