wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

M3W5 lessenquiz

Total questions: 45

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

Noteer het voltooid deelwoord.

In Nederland wordt vaker ........(pinnen).

a)

gepint

b)

gepind

2.

Gisteren heb ik de deur om tien uur.......(sluiten).

a)

gesluit

b)

gesluiten

c)

gesloot

d)

gesloten

3.

Ik was ............(raken) door die opmerking over mijn overleden hondje.

a)

geraakt

b)

gerakt

c)

geraken

d)

geraakd

4.

Tijdens de wedstrijd werd de handdoek in de ring .....(werpen).

a)

gewerpt

b)

gewerpen

c)

geworpen

d)

geworpt

5.

Heb je de kratjes ..........(opstapelen)?

a)

geopstapeld

b)

opgestapeld

c)

opgestapelt

d)

geopstapelt

6.

Heb je haar een kaartje.......(sturen)?

a)

gestuurt

b)

gestuurd

7.

De stallen worden binnenkort ....... (slopen).

a)

gesloopt

b)

gesloopd

8.

Op het feest heeft hij met haar ......(dansen).

a)

gedanst

b)

gedansd

9.

Yasmine heeft haar haar blauw ........(verven).

a)

gevervd

b)

gevervt

c)

geverfd

d)

geverft

10.

Tijdens de verhuizing werden veel meubels ... . (beschadigen)

(a)  

11.

Hij heeft de bladeren ... in een oud telefoonboek. (drogen)

(a)  

12.

De rekenboeken op onze school zijn ... . (vernieuwen)

(a)  

13.

De chauffeur heeft net op tijd ... . (remmen)

(a)  

14.

Hebben jullie haar goed ... ? (kennen)

(a)  

15.

Heb jij dit document al door ... ? (faxen)

(a)  

16.

Ik ben gisteren met het verkeerde been uit bed ... . (stappen)

(a)  

17.

Wat is hier nu weer ... ? (gebeuren)

(a)  

18.

Wanneer noemen we een zin samengesteld?

a)

Als er meerdere werkwoorden in de zin staan.

b)

Als er meer dan 1 persoonsvorm in staat.

c)

Als er 1 persoonsvorm in de zin staat.

19.
Als het oudejaarsavond is, steken wij vuurwerk af.
Enkelvoudige of samengestelde zin?
a)
enkelvoudig
b)
samengesteld
20.

Ik ga naar de markt, omdat ik appels wil kopen.

Zoek de persoonsvorm(en)!

a)

ga

b)

wil kopen

c)

ga en wil

d)

kopen

21.

De parkietjes kijken graag naar buiten, want daar gebeurt tenminste iets.

Enkelvoudige of samengestelde zin?

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

22.
Ook onze hond rent tijdens die geweldige feestnacht helemaal panisch rond door het oorverdovend lawaai, de lichtflitsen en de rook.
Enkelvoudige of samengestelde zin?
a)
enkelvoudig
b)
samengesteld
23.

Wat zijn voegwoorden?

a)

Dat zijn woorden waarmee je zinnen aan elkaar voegt.

b)

Voegwoorden zijn woorden die een zin vragend maken.

24.

Welk voegwoord moet worden ingevuld?


Kampioen zullen zij niet worden, … er een wonder gebeurt.

a)

tenzij

b)

indien

c)

doordat

25.

Welk voegwoord moet worden ingevuld?


Ik doe er niet aan mee, ........ ik het zaakje niet vertrouw.

a)

mits

b)

dus

c)

omdat

d)

hoewel

26.

Welk voegwoord moet worden ingevuld?


Ik ben voor niemand bang, ........ kom maar op!

a)

want

b)

en

c)

maar

d)

dus

27.

Wat is juist?

a)

Egiptische piramiden

b)

Egyptische pyramiden

c)

Egiptische pyramiden

d)

Egyptische piramiden

28.

Het meervoud van spion is..

a)

spionen

b)

spionnen

29.

Wat is juist?

a)

kanibaal

b)

canibaal

c)

cannibaal

d)

kannibaal

30.

Wat is juist?

a)

profesor

b)

proffessor

c)

professor

d)

proffesor

31.

Wat is de juiste schrijfwijze?

a)

onmiddelijk

b)

onmiddellijk

c)

onmiddenlijk

32.

In welke situatie gebruik je een formeel taalregister?

a)
b)
33.

Werkwoordspelling: Vervoeg correct in de tegenwoordige tijd: Het huisvuil (worden) dinsdag opgehaald.

a)

word

b)

wordt

c)

wort

34.

Werkwoordspelling: Vervoeg correct in de verleden tijd: De bejaarden (rusten) op een bankje.

a)

rusten

b)

rustten

35.

Vul aan met de correcte spelling van het voltooid deelwoord: Hij is net (verhuizen).

a)

verhuist

b)

verhuisd

36.

Wat is het hoofdwerkwoord in de zin: 'Hij zal de sleutel wel al gevonden hebben.'

a)

zal

b)

gevonden

c)

hebben

37.

Deze taalvariant gebruik je als je praat met de directeur van de school.

a)

dialect

b)

jongerentaal

c)

standaardtaal

38.

Deze taalvariant is eigen aan een bepaald gebied en wijkt af van de standaardtaal.

a)

dialect

b)

jongerentaal

c)

standaardtaal

39.

Welke zin is correct op vlak van hoofdlettergebruik?

a)

In december sturen de meeste mensen Kerstkaarten.

b)

In December sturen de meeste mensen Kerstkaarten.

c)

In december sturen de meeste mensen kerstkaarten.

d)

In December sturen de meeste mensen kerstkaarten.

40.

Welke zin is correct op vlak van hoofdlettergebruik?

a)

In de loop der eeuwen is er namelijk veel veranderd en toegevoegd aan de verhalen omtrent de legendarische britse koning arthur.

b)

In de loop der eeuwen is er namelijk veel veranderd en toegevoegd aan de verhalen omtrent de legendarische britse koning Arthur.

c)

in de loop der eeuwen is er namelijk veel veranderd en toegevoegd aan de verhalen omtrent de legendarische britse koning arthur.

d)

In de loop der eeuwen is er namelijk veel veranderd en toegevoegd aan de verhalen omtrent de legendarische Britse koning Arthur.

41.

formele taal

a)

gebruik je tegenover vreemden, ouderen, meerderen...

b)

gebruik je tegenover vrienden, leeftijdsgenoten, familie,...

42.

Wat is formeel taalgebruik?

a)

Netjes, zakelijk, deftig

b)

Losser taalgebruik, maar wel correct taalgebruik

c)

Taalgebruik wat je gebruikt op straat

43.

Wat is informeel taalgebruik?

a)

Netjes, zakelijk, deftig

b)

Losser taalgebruik, maar wel correct taalgebruik

c)

Taalgebruik wat je gebruikt op straat

44.

Wat is een voorbeeld van formeel taalgebruik?

a)

Hoi

b)

Doei

c)

Beste

45.

Wat is een voorbeeld van informeel taalgebruik?

a)

Geachte

b)

Hoogachtend

c)

Groetjes