wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Letterlijk en figuurlijk taalgebruik

Total questions: 7

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Wat betekent de gemarkeerde uitdrukking in de zin? Duid het juist antwoord aan.

Om het verrassingsfeestje te organiseren loopt mijn vriend zich de benen van onder het  lijf.

a)

Hij doet er alles aan. 

b)

Hij loopt zeer hard. 

c)

Hij loopt naar overal.

2.

Wat betekent de gemarkeerde uitdrukking in de zin? Duid het juist antwoord aan.

Tijdens het gesprek over de nieuwe regeling heeft de flauwe grappenmaker geen been om op te staan, omdat hij altijd alles belachelijk maakt.

a)

ongelijk hebben   

b)

geen enkel argument hebben  

c)

geen antwoord geven

3.

Noteer nog een andere uitdrukking met het woord ‘been’. Gebruik die in een zin die de betekenis weergeeft. Let op: het mag geen verklaring zijn.

SUGGESTIE: op eigen benen staan, op de been blijven, vroeg op de been, jonge benen hebben,...

4 lines
4.

Bouw twee zinnen.

Gebruik één van de homoniemen in een duidelijke zin die telkens de betekenis van het woord weergeeft. Let op: het mag geen verklaring zijn.

raad - gerecht - vorst - traan

4 lines
5.

Vul de ontbrekende lidwoorden in. Verwijs met een persoonlijk voornaamwoord naar het zelfstandig naamwoord.

Ik legde je pen op mijn bureau. Je kunt __ daar vinden.

a)

ze

b)

hem

6.

Vul de ontbrekende lidwoorden in. Verwijs met een persoonlijk voornaamwoord naar het zelfstandig naamwoord.

Bezochten jullie die tentoonstelling? Nee, ___ was al voorbij toen we wilden gaan.

a)

ze

b)

hem

7.

Vul de ontbrekende lidwoorden in. Verwijs met een persoonlijk voornaamwoord naar het zelfstandig naamwoord.

Jammer, maar ___ verrekijker is stuk. Zou je ___nog kunnen laten herstellen?

a)

het/ haar

b)

de/ hem