wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Lezen 1.3

Total questions: 20

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Welke 3 manieren van lezen heb je geleerd?

a)

eerste alinea, 2de alinea, 3de alinea

b)

nauwkeurig, verkennend, zoekend

c)

precies, ninder precies, zoekend

d)

leren, onthouden, reproductie

2.

Wat is verkennend lezen?

a)

tekst bekijken e neerste indruk titel, tussenkopjes en plaatjes

b)

helemaal uitlezen

c)

begrijpend lezen

d)

een antwoord zoeken op een vraag

3.

Wat is nauwkeurig lezen?

a)

een eerste indruk krijgen, titel, plaatjes bekijken

b)

zoekend lezen

c)

helemaal lezen om de tekst te begrijpen

d)

een antwoord op een vraag zoeken

4.

Wat is zoekend lezen?

a)

verkennend en nauwkeurig lezen

b)

helemaal lezen om te begrijpen

c)

in een tekst zoeken naar een antwoord op een vraag

d)

zoeken naar titel en tussenkopjes

5.

Hoe herken je het begin van een nieuwe alinea?

a)

door inspringen van een regel of witregel

b)

door de titel

c)

door de plaatjes

d)

door de beginalinea

6.

Wat is een ander woord voor 'honden'?

a)

dieren

b)

katten

c)

viervoeters

d)

Bently

7.

Hoe kijk je snel waar de tekst over gaat?

a)

kijken naar de plaatjes

b)

lees eerst de tekst verkennend, stel jezelf de vraag ''Waar gaat het over?''

c)

kijken naar de bronnen

d)

kijken naar uit welke krant het komt

8.

Wat is het onderwerp van een tekst?

a)

Waar het over gaat in 2 of 3 woorden

b)

de samenvatting

c)

de titel

d)

de eerste zin

9.

Wat is een deelonderwerp?

a)

Waar het over gaat in 2 of 3 woorden

b)

de titel

c)

waar 1 alinea over gaat

d)

de tussenkopjes

10.

Welke vraag stel je als je het deelonderwerp van een alinea wilt weten?

a)

Waar gaat deze alinea eigenlijk over?

b)

Waar gaat deze tekst eigenlijk over

c)

Waar gaat dit plaatje eigenlijk over

d)

waar gaan we naartoe eigenlijk?

11.

Wat is een ander woord voor aandoening?

a)

aandoenlijk

b)

kwaal of ziekte

c)

kwal

d)

iemand iets aandoen

12.

Wat is een ander woord voor voorkomen?

a)

voor iets opkomen

b)

naar voren

c)

zorgen dat iets niet gebeurt

d)

zorgen dat iets wel gebeurt

13.

Wat doe je als je een moeilijk woord in een tekst niet kent?

a)

Dan kijk je of er in de tekst een ander woord staat dat hetzelfde betekent

b)

dan kijk je in de tekst of er een voorbeeld van dat woord bij staat

c)

dan kijk je in de tekst of er een omschrijving van dat woord bij staat

d)

dan kijk je of je een deel van het woord herkent, zodat je de betekenis verder kan raden

14.

Wat is een synoniem?

a)

een samenstelling

b)

een tegenstelling

c)

een woord dat precies hetzelfde betekent

d)

een ziener

15.

Wat moet je doen als een schrijver een moeilijk woord niet uitlegt?

a)

dan doe je of er niets aan de hand is en leest gewoon door

b)

dan kijk je eerst of je een deel van het woord herkent en de rest kan raden

c)

dat negeer je dan maar

d)

dan bel je de schrijver

16.

Wat betekent fysiek?

a)

lichamelijk

b)

geestelijk

c)

vies

d)

veel

17.

Waar let je op als je een tekst verkennend gaat lezen

a)

eerste indruk, titel, tussenkopjes, plaatjes

b)

plaatjes

c)

tussenkopjes

d)

eerste indruk, titel

18.

Is de titel altijd hetzelfde als het onderwerp van een tekst

a)

ja

b)

weet niet

c)

hoeveel

d)

nee, soms niet, dus goed kijken

19.

Wat is een signaalwoord?

a)

die geven een teken zodat je weet wat woorden of zinnen met elkaar te maken hebben

b)

ten eerste, verder, daarnaast

c)

hobby's

d)

de titel

20.

Wat is de schooltaalwoordenlijst?

a)

die vind je achter in je boek en daar kan je opzoeken wat iets betekent

b)

daar zoek je iets op als je niet weet wat een woordebetekent

c)

het woordenboek

d)

weet niet