Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhalingsoefening taalverwerving

Total questions: 10

Worksheet time: 3mins

Name
Class
Date
1.

Springde i.p.v. sprong gebruikt door een jonge taalverwerver is een voorbeeld van

a)

domheid want ze knnen de uitzonderingen niet

b)

intelligentie want onbewust passen ze gramaticae regels toe

c)

domheid want ze maken een fout

d)

intelligentie want ze kunnen een verleden tijd vormen

2.

De Amerikaanse taalkundige Chomsky beweerde dat kinderen een aangeboren taalvermogen hebben.

a)

Waar

b)

Niet waar

3.

Voor welke fase van de taalverwerving is een activiteitenboekje het meest geschikt?

a)

prelinguale fase

b)

vroegtalige fase

c)

differentiatiefase

d)

voltooiingsfase

4.

In de voltooiingsfase zijn de meeste grammaticale en morfologische regels verworven.

a)

Dat klopt. Die fase eindigt op 5 jaar.

b)

Dat klopt. Die fase start rond 5 jaar.

c)

Dat klopt niet. Het kind maakt dan nog veel grammaticale fouten.

d)

Dat klopt niet. Rond de puberteit kent het kind al die regels.

5.

Welke zijn voorbeelden van onomatopeeën?

a)

koekoek

b)

mama

c)

ieneneen (iedereen)

d)

tjoektjoek

6.

Welke talige uitingen brengt een baby voort in de pre-linguale fase (0-12 maanden)? 2 mogelijkheden

a)

brabbelen

b)

overgeneralisering

c)

vocaliseren

d)

éénwoordzin

7.

De prelinguale fase is de fase voor je eigenlijk van taal kan spreken. Er zijn dus heel wat universele kenmerken.

a)

waar

b)

niet waar

8.

Ieder kind doorloopt alle fasen op dezelfde manier en op hetzelfde moment.

a)

waar

b)

niet waar

9.

Waarom is Genie Wiley er nooit in geslaagd om grammatica te leren?

a)

Ze had geen aangeboren taalvermogen

b)

Het werd haar nooit correct voorgedaan

c)

Ze kreeg weinig of geen talige input en vond het niet meer nodig om nog grammatica te leren

d)

Ze kreeg weinig of geen talige input en was voorbij de kritische periode om grammatica aan te leren

10.

Fonologische doofheid betekent

a)

dat je op jonge leeftijd bepaalde klanken nog niet kan horen

b)

dat je op jonge leeftijd bepaalde klanken niet kan uitspreken

c)

dat je doof wordt voor klanken omdat je ze niet aangenaam vindt

d)

dat je bepaalde klanken niet meer hoort omdat ze niet in je eigen taalsysteem voorkomen.