WorksheetsVerkeer les 5: Veilig oversteken.
Total questions: 7
Worksheet time: 4mins
Name
Class
Date
1.
Waar hoor je bij als je op straat loopt?
a)
Bij het verkeer
b)
Bij de school
c)
Bij kinderen
2.
Er is geen trottior of stop. Waar moet je lopen?
a)
aan de linkerkant van de weg.
b)
midden in de straat.
c)
aan de rechterkant van de weg.
3.
Wat zijn zebrapaden?
a)
oversteekplaatsen
b)
politieagenten
c)
juffrouw
4.
Wat doen verkeersbrigadiertjes?
a)
Ze helpen de verkeerslichten oversteken.
b)
Ze helpen de auto's oversteken.
c)
Ze helpen de kinderen oversteken.
5.
Je mag op straat spelen
a)
b)
6.
Wat moet je doen als het mannetje groen is?
a)
Moet je wachten
b)
Mag je oversteken
7.
Wat moet je doen als het mannetje rood is?
a)
Moet je wachten
b)
Mag je oversteken
100 %
