wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Verlichting en Franse Revolutie

Total questions: 30

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Welke omschrijving van het absolutisme is juist?

a)

Manier van regeren waarbij de president als een dictator mag regeren van God

b)

Manier van regeren waarbij de ministers niets tegen de vorst kunnen inbrengen, omdat zo moet van de kerk

c)

Manier van regeren waarbij de vorst alle macht van God heeft gekregen n alleen naar God hoeft te luisteren

d)

Manier van regeren waarbij het parlement alle macht heeft en de koning niets te zeggen heeft

2.

Waar waren de inwoners van Frankrijk vooral ontevreden over tijdens de regeerperiodes van Lodewijk XIV, XV en XVI?

a)

Het vele geld wat de koningen uitgaven aan hun dure hofhouding en vele oorlogen

b)

Dat de koningen teveel met andere landen bezig waren, i.p.v. Frankrijk zelf

c)

Dat de koningen alles zelf kon bepalen en geen toestemming nodig had van een parlement

d)

De koningen waren teveel bezig met hun vrouwen, die allemaal dure kleding kochten

3.

Montesquieu was de bedenker van de...

a)

Natuurwetten

b)

Staten-Generaal

c)

Trias politica

d)

Verlichting

4.

Wat is een juiste omschrijving van het begrip Verlichting?

a)

Filosofische stroming in de 18e eeuw die het gebruiken van het eigen verstand centraal stelde. Hierdoor kon een betere samenleving worden gemaakt.

b)

Politieke stroming in de 19e eeuw die nadacht over nieuwe vormen van bestuur en grondrechten.

c)

Een nieuwe uitvinding in de 18e eeuw waarbij mensen niet meer kaarsen als verlichting hoefden te gebruiken, maar nu lampen konden gebruiken.

d)

Doel dat bereikt kan worden via meditatie.

5.

Uit welke drie machten bestaat de Trias Politica?

a)

Uitvoerlijke macht, wettelijke macht en de rechterlijke macht

b)

Wetgevende macht, uitvoerende macht en rechtgevende macht

c)

Wetgevende macht, beslissings- macht en rechtsprekende macht

d)

de hoogste macht, wetgevende macht en rechtelijke macht

6.

Welk verschijnsel in de 18e eeuw in Frankrijk past bij deze afbeelding?

a)

De verlichting

b)

Ancien Régime

c)

Standenmaatschappij

d)

Franse Revolutie

7.

Welke periode van de Franse Revolutie past bij deze afbeelding?

a)

De bestorming van de Bastille

b)

De terreur

c)

Onthoofding van Lodewijk XVI

d)

De Nationale Vergadering

8.

Wie zie je op deze afbeelding?

a)

Napoleon Bonaparte

b)

Lodewijk XVI

c)

Lodewijk XIV

d)

John Locke

9.

Napoleon werd definitief verslagen bij...

a)

De slag bij Waterloo

b)

De slag bij Leipzig

c)

De slag bij Austerlitz

d)

De slag bij Heiligerlee

10.

In welk jaar begon de Franse Revolutie?

(vul alleen cijfers in)

(a)  

11.

Lodewijk XVI, dat is dus......

a)

de 16e

b)

de 14e

c)

de 15e

d)

de 18e

12.

Wat veranderde er voor Frankrijk toen Lodewijk XVI afgezet was als koning?

a)

Frankrijk werd nu een republiek

b)

Frankrijk kreeg nu een grondwet

c)

De Franse Revolutie begon

d)

De Franse Revolutie was afgelopen

13.

Heeft Nederland ook een grondwet?

a)

Nee, wij hebben een koning

b)

Ja, daarin staat ook dat iedereen gelijk is

14.

Welk idee past bij de verlichting?

a)

Macht moet niet gegeven worden aan één persoon/groep

b)

Vrouwen mogen ook stemmen

c)

Slaven moeten beter worden behandeld

d)

De paus heeft altijd gelijk

15.

De Franse burgers maakten een grondwet. Wat was de belangrijkste regel in die wet?

a)

Voortaan hoefde burgers geen belasting meer te betalen

b)

Iedereen heeft gelijke rechten.

c)

Frankrijk heeft geen koning meer.

d)

De edelen regeren voortaan het land.

16.
Drie jaar na het begin van de revolutie werd Frankrijk een republiek. Dat is.....
a)
een land met een koning zonder macht.
b)
een land met edelen die het land regeren.
c)
een land zonder echte  leider.
d)
een land zonder koning of keizer.
17.

Wat is de slogan van de Franse Revolutie? Deze is geinspireerd door de verlichting.

a)

Alle macht voor de koning!

b)

Vrijheid, gelijkheid en broederschap.

c)

De burgers bepalen alles!

d)

Memento Mori (gedenk te sterven).

18.

Welk verlicht idee had Rousseau?

a)

De drie machtenleer

b)

Alle kinderen moeten naar school

c)

Vorsten zijn niet nodig voor een goed bestuur.

d)

Vrouwen moeten gelijke rechten hebben als mannen

19.
Juist of onjuist? Zowel koning Lodewijk XVI als zijn vrouw koningin Marie-Antoinette eindigden hun leven onder de guillotine.
a)
Juist
b)
Onjuist
20.

Wat gebeurt er in de laatste fase van de Franse Revolutie? (1799)

a)

De bestorming van de Bastille.

b)

Verklaring van de rechten van de Mens en Burger.

c)

Periode van Terreur.

d)

Napoleon Bonaparte grijpt de macht.

21.

Wat was géén oorzaak van de Franse Revolutie?

a)

De hoge belastingen voor de burgers

b)

Honger en armoede onder de boeren

c)

De absolute macht van de koning

d)

De onthoofding van Lodewijk XVI

22.

Wat is de directe aanleiding voor de Franse revolutie?

a)

De bestorming van de Bastille.

b)

De misoogst van 1788.

c)

Een groep vrouwen protesteert bij de poorten van Versailles. De koning moet voortaan in Parijs wonen.

d)

De Verklaring van de rechten van de Mens en Burger wordt opgesteld.

23.

De standenmaatschappij bestond uit

a)

Adel - geestelijkheid en burgers

b)

Adel - burgers en boeren

c)

Geestelijkheid - adel - boeren en burgers

d)

Boeren en burgers - adel - geestelijkheid

24.

Geestelijk en adel hadden een belangrijk voordeel: ze hoefden geen belasting te betalen.

Zo een voordeel noem je een ...

a)

Privilege

b)

Mazzeltje

c)

Belastingaftrek

d)

Uitkering

25.

Wat is geen kenmerk van het ancien regime?

a)

standensamenleving

b)

adel werd alleen maar machtiger

c)

absolutisme

d)

democratisering

26.

Zet de volgende gebeurtenissen in de juiste volgorde:


A) De Nationale Vergadering gaat naar de Kaatsbaan

B) Verklaring van de Rechten van Mens en Burger wordt aangenomen

C) De bestorming van de Bastille

D) De grondwet is klaar

a)

A-B-D-C

b)

A-C-B-D

c)

B-A-D-C

d)

C-A-B-D

27.

Juist of Onjuist:


De paus kroonde Napoleon tot keizer van Frankrijk.

a)

Juist

b)

Onjuist

28.

Lodewijk XVI werd ook wel de Zonnekoning genoemd.

a)

waar

b)

niet waar

29.

De tekenaar bespot hier:

a)

Het Ancien Regime

b)

Een nieuwe gymnastiek oefening.

c)

De armoede

d)

De mode en kleding

30.

Wat was de Staten-Generaal?

a)

Een vergadering van alle gewesten

b)

Een bijeenkomst van de 3 standen

c)

Een overleg tussen alle generaals van het leger

d)

Een bijeenkomst van de 3e stand