wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Wereldoorlog 1

Total questions: 21

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de rol van de moord op Frans-Ferdinand?

a)

Het was de oorzaak van de Eerste Wereldoorlog

b)

Het was de aanleiding van de Eerste Wereldoorlog

c)

Het was het gevolg van de Eerste Wereldoorlog

2.

In welk jaar begon de Eerste Wereldoorlog?

a)

1900

b)

1914

c)

1910

d)

1915

3.

In welk jaar eindigde de Eerste Wereldoorlog?

a)

1919

b)

1920

c)

1918

d)

1915

4.

Welk land hoorde niet bij de geallieerden?

a)

Engeland

b)

Rusland

c)

Duitsland

d)

Frankrijk

5.

Welk land hoorde niet bij de Centralen?

a)

Rusland

b)

Oostenrijk-Hongarije

c)

Duitsland

d)

Italië

6.

Wat was geen oorzaak van de Eerste Wereldoorlog?

a)

nationalisme

b)

wapenwedloop

c)

socialisme

d)

militarisme

7.

Waar werd Frans-Ferdinand vermoord?

a)

Bosnië

b)

Servië

c)

Oostenrijk

d)

Rusland

8.

Waarom deed Duitsland mee aan de Eerste Wereldoorlog?

a)

Wraak voor de moord op Frans-Ferdinand

b)

Het was een bondgenoot van Oostenrijk-Hongarije

c)

Ze wilden een land bezetten op de Balkan (Servië)

d)

Ze werden bedreigd door Rusland

9.

Wie was Frans-Ferdinand?

a)

De keizer van Oostenrijk-Hongarije

b)

De zoon van de Duitse keizer

c)

De troonopvolger van Oostenrijk-Hongarije

d)

De neef van de Russische koning

10.

Wat zijn loopgraven?

a)

Gangen in de grond om te schuilen voor de vijand

b)

Ondergrondse gangen om je in te verschuilen

c)

Mensen die naar de graaf lopen met een boodschap

d)

Gaten in de grond waar mensen zich kort in kunnen verstoppen

11.

Waarom vochten er zoveel landen mee in de Eerste Wereldoorlog?

a)

Iedereen had een mening en wilde gelijk hebben

b)

Veel landen hadden een bondgenoot en moesten mee vechten

c)

De rest van de wereld had een hekel aan Duitsland

d)

Dat ging vanzelf

12.

Wat is geen kenmerk van een industriële samenleving?

a)

grootste deel leeft en werkt in de stad

b)

industrie en diensten belangrijkste middelen van bestaan

c)

ontstaan van een arbeidersklasse en een middenklasse

d)

steeds meer mensen verhuisden van stad naar platteland

13.
Geef een ander woord voor “alliantie”
a)
bondgenootschap
b)
agressor
c)
escalatie
14.

Wat was geen straf voor Duitsland?

a)

Herstelbetalingen

b)

Afschaffen democratie

c)

Kolonies inleveren

d)

Een kleiner leger

15.

In welk verdrag stond de straf voor Duitsland na WO1?

a)

Verdrag van Genève

b)

Verdrag van Versailles

c)

Verdrag van Parijs

d)

Verdrag van Grenoble

16.

Als het slecht gaat met een land en je geld minder waard wordt noemen we dat een....

a)

crisis

b)

oorlog

c)

staatsgreep

d)

inflatie

17.

Van dit land leende Europese landen en Duitsland geld na WO1.

a)

Amerika

b)

Zwitserland

c)

Oostenrijk

d)

Rusland

18.

De ideeën van Hitler schreef hij op in het boek....

a)

Hello Hitty

b)

Mein Kampf

c)

Mein Reich

d)

Hitler schreef geen boek

19.

Iemand die in zijn eentje (en vaak op een gewelddadige manier) de baas is van een land is. Noemen we....

a)

een dictator

b)

een tiran

c)

een slimme man

d)

een politicoloog

20.

Het idee dat joden een minderwaardig ras zijn.

a)

antisemitisme

b)

liberalisme

c)

nationalisme

d)

communisme

21.

Welk begrip hoort bij: De overheid die jou wil overtuigen dat hun idee het beste en waarheid is.

a)

propaganda

b)

nationaalsocialisme

c)

kapitalisme

d)

communisme