Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Lowan thema 3

Total questions: 33

Worksheet time: 17mins

Name
Class
Date
1.

Wat zie je hier?

a)

De opa

b)

De vriendin

c)

De kleuter

d)

de bruiloft

2.

Wat zie je hier?

a)

De peuter

b)

Het schoolkind

c)

De baby

d)

de volwassene

3.

Wat zie je hier?

a)

De collega

b)

De vriend

c)

De kleuter

d)

De baby

4.

Wat zie je hier?

a)

De jongen

b)

De peuter

c)

de oom

d)

de opa

5.

Wat zie je hier?

a)

De geboorte

b)

Het kleinkind

c)

De tante

d)

Verliefd

6.

Opa =

a)

Kind

b)

Grootouder

c)

Puber

d)

Klasgenoot

7.

Dit is

a)

het gezin

b)

de familie

c)

het klaslokaal

d)

de baas

8.

Dit is

a)

scheiden

b)

de begrafenis

c)

trouwen

d)

de geboorte

9.
Wij ... naar de film.
a)
gaan
b)
ga
10.
Kaat en Lien ... in het boek.
a)
schrijven
b)
schrijft
11.

Wat is het werkwoord?

Yasir speelt met de bal.

a)

Yasir

b)

speelt

c)

met de bal

12.

Wat is het werkwoord ?

In het pretpark zit ik het liefst in de draaimolen.

a)

In het pretpark

b)

zit

c)

ik

d)

het liefst

e)

in de draaimolen

13.

Ik ... een pannenkoek (eten)

(a)  

14.

Wij ... op school (zitten)

(a)  

15.

De muur ... blauw (zijn)

(a)  

16.

Wie werkt niet?

a)
b)
c)
d)
17.

Wat zie je hier?

a)

De familie Jacobs loopt.

b)

David eet een appel.

c)

Het gezin Jansen fietst.

d)

Juf Nathalie werkt op school.

18.

Welke zin klopt?

a)

Ik lees boek?

b)

Ik leest een boek.

c)

Ik lezen een boek.

d)

Ik lees een boek.

19.

Welk werkwoord klopt niet?

a)

Ik zeg

b)

Wij zeggen

c)

Ik teel

d)

Wij tellen

20.

Wat kan niet?

a)

De zus en de broer zijn mensen

b)

De vriendin is een meisje

c)

De vrouw gaat trouwen

d)

De peuter is mijn collega

21.

Ik ben alleenstaand dus?

a)

Ik heb geen vrouw

b)

Ik heb geen opa

c)

Ik heb geen broer

d)

Ik heb geen baby

22.

De zoon van mijn broer is mijn...

a)

vader

b)

neef

c)

halfbroer

d)

oom

23.

Mijn opa ... 79 jaar.

a)

heeft

b)

is

c)

bent

d)

hebben

24.

Wat klopt niet?

a)

De verliefd

b)

Het schoolkind

c)

Het liefdesverdriet

d)

De opa

25.

Jullie ... de deur dicht (plakken)

a)

plak

b)

plakt

c)

plakken

26.

De Kl...ter

a)

Klooter

b)

Kluiter

c)

Klouter

d)

Kleuter

27.

Welk woord zie je hier? pberbabcollliefdverdrietopomaklagenoot

a)

Puber

b)

Opa

c)

Oma

d)

Klasgenoot

28.

... volwassene

(a)  

29.

Ik woon naast mijn ...?

a)

collega

b)

peuter

c)

kind

d)

buurman

30.

Het meisje gaat naar school? Persoonsvorm (ww)?

a)

gaat

b)

Het meisje

c)

naar

d)

school

31.

Jullie zijn bij de tante? onderwerp (wie)?

a)

de tante

b)

bij de

c)

zijn

d)

Jullie

32.

Wat is het goede antwoord? Waar zijn jullie nu?

a)

Ik ben op school

b)

Ik luister naar de muur

c)

De vloer is schoon

d)

Nathalie is lief

33.

Kan de man ook een baas zijn?

a)

Ja

b)

Nee

c)

Alleen de buurman

d)

Alleen de peuter