wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Wiskunde

Total questions: 29

Worksheet time: 54mins

Name
Class
Date
1.

Bij 2 evenwijdige rechten en een snijlijn zijn verwisselende binnenhoeken..............

a)

Supplementair

b)

Complementair

c)

even groot

d)

alle 3 juist

2.

De som van de hoeken van een driehoek is ......

a)

180°

b)

90°

c)

360°

d)

215°

3.

(-2)³

a)

8

b)

-8

c)

6

d)

-6

4.

4 tot de 0de

(a)  

5.

(¼​)2

a)

2/4

b)

2/8

c)

2/16

d)

1/16

6.

(¼)3 is hetzelfde als

a)

64

b)

1-3

c)

4-3

d)

allemaal fout

7.

a3xa4=

a)

a7

b)

a-1

c)

7

d)

0

8.

(95)2

a)

910

b)

97

c)

93

9.

Bij welk congruentiekennmerk hoort deze eigenschap: Als 2 driehoeken een paar overeenkomstige even lange zijden hebben en de 2 paar aanliggende hoeken van die zijden even groot zijn dan zijn de driehoeken congruent.

(a)  

10.

Een punt op de middelloodlijn van een lijnstuk ligt (a)  

11.

Een punt op de bissecttrice van 2 snijden rechten ligt even ver van de (a)  

12.

In een gelijkbenige driehoek zijn ............ even groot

a)

alle hoeken

b)

de zijden

c)

de basishoeken

d)

allemaal juist

13.

Vul in

a)

30°

b)

56°

c)

146°

d)

34°

14.

Â1 en B1 zijn......

a)

Verwisselende binnenhoeken

b)

Verwisselende buitenhoeken

c)

overeenkomstige hoeken

d)

buitenhoeken aan dezelfde kant van de snijlijn

15.

x+5y-3x+y=

a)

-2x+6y

b)

4xy

c)

4x+6y

d)

24xy

16.

voor het congruentikenmerk 90°ZZ heb je ....... nodig

a)

rechte hoek

b)

rechthoekzijde

c)

aanliggende hoek

d)

schuine zijde

e)

overstaande zijde

17.

Welk congruentiekennmerk hoort hier bij?

a)

ZZZ

b)

HZH

c)

ZHH

d)

ZHZ

e)

90°ZZ

18.

Zijn de grootheden omgekeerd, recht of niet evenredig

a)

omgekeerd evenredig

b)

niet everedig

c)

recht evenredig

19.

Wat is de uitkomst

a)

-16-9x2

b)

-16+9x2

c)

16-9x2

d)

12+9x2

20.

(x-4)2

a)

x-16

b)

x2-8

c)

x2-16

d)

x2-8x+16

21.

Zijn de grootheden recht, omgekeerd of niet evenredig

a)

recht evenredog

b)

omgekeerd evenredig

c)

niet evenredig

22.

beantwoord de vraag

a)

7%

b)

23%

c)

32%

d)

38%

23.

(4x2 + 7) − (−5x + 2x2 )

a)

4x2+7

b)

2x2+7-5x

c)

2x2 + 7 + 5x

d)

4x2-7

24.

Zijdedraad is afkomstig van de cocon van een zijderups. Er zijn 3 cocons nodig voor 1 725 m draad.Hoeveel cocons heb je nodig voor 2 875 m draad?

(a)  

25.

A1 en B1 zijn?

a)

Verwisselende binnenhoeken

b)

Verwisselende buitenhoeken

c)

overeenkomstigehoeken

d)

binnenhoeken aan dezelfde kant van de snijlijn

26.

(a − 7) ⋅ (b + 4)

a)

ab + 4a − 7b − 28

b)

ab - 4a − 7b + 28

c)

ab + 4a + 7b − 28

d)

ab - 4a + 7b + 28

27.

Het aantal frietjes per persoon is afhankelijk van het aantal personen dat mee-eet uit één pot frieten.

Zijn de grootheden recht, omgekeerd of niet evenredig

a)

recht evenredig

b)

omgekeerd evenredig

c)

niet evenredig

28.

Bereken de tophoek. Een basishoek is 15° kleiner dan het drievoud van de tophoek.

a)

20°

b)

25°

c)

35°

d)

30°

29.

Welk congruentiekennmerk is dit?

a)

ZHZ

b)

90°ZZ

c)

ZZH

d)

HZZ