Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Seneca brief 28

Total questions: 19

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

Paragraaf 1 begint met een AcI. Wat is de persoonsvorm die de AcI inleidt?

(a)  

2.

Welke woorden vormen de betreffende AcI? Eerst de A en dan de I noemen.

(a)  

3.

Wat is waar over de uitspraak 'animum debes mutare, non caelum' (r. 3)

a)

Je hoeft niet op reis te gaan om jezelf toch te verbeteren

b)

Als je ongelukkig bent moet je in jezelf zoeken, niet in je omgeving

c)

Als je ongelukkig bent kan het helpen om van omgeving te veranderen

d)

Je moet je geest veranderen om goed op reis te kunnen gaan

4.

Wat is waar over querenti (paragraaf 2, regel 8)?

a)

dativus

b)

ppa

c)

zelfstandig

d)

perfectum

5.

Welk(e) Latijnse woord(en) vormt/vormen het lijdend voorwerp bij querenti?

(a)  

6.

Wat vat het beste 'premit te ... quae expulit' (r. 10) samen?

a)

Dezelfde oorzaak waardoor je naar beneden werd gedrukt stuurt je nu op reis

b)

je hebt nog steeds last van datgene waardoor je op reis werd gedreven

c)

op reis zullen je problemen alleen maar groter worden

d)

het heeft geen zin om weg te gaan om je problemen op te lossen

7.

regel 13: iactatio. Met welk woord in r. 13-14 wordt dit ook aangeduid?

(a)  

8.

Wat is de vertaling van 'tecum fugis'? r. 14

(a)  

9.

Citeer het Latijnse tekstelement uit r. 14 dat de 'ongelukkigheid' weergeeft.

(a)  

10.

deponendum (r. 14) is een...

a)

gerundium

b)

gerundivum

11.

In paragraaf 3 wordt de reiziger vergeleken met een priesteres. Wat is het punt van vergelijking?

a)

Ze hebben allebei een last die ze van zich af willen schudden

b)

Ze hebben alletwee een zwaarmoedigheid in de geest die ze kwijt willen

c)

Ze staan allebei in contact met dingen die groter zijn dan zijzelf

12.

Later wordt er nog vergeleken met ladingen op een schip (par. 3). Wat is waar over het punt dat hiermee gemaakt wordt?

a)

Als je op één plek blijft blijf je stabieler

b)

Reizen kan ook juist slecht zijn met een instabiele geest

c)

Reizen met een instabiele geest moet met mate gebeuren

d)

Zoals een schip ladingen vervoert, moet de reiziger overal zijn geest meevoeren

13.

Wat voor naamval heeft persuasione in paragraaf 4, regel 15?

(a)  

14.

Welk woord congrueert met persuasione (nog steeds regel 15)

(a)  

15.

Een literaire vertaling van van r. 3 van par. 5 luidt als volgt: 'De eerste de beste plaats zou goed genoeg voor je zijn, als je ervan overtuigd was, dat elke plaats jouw woonplaats is.'

Welke woorden zijn vertaald als 'als je ervan overtuigd was dat elke plaats jouw woonplaats is'?

(a)  

16.

Welk woord wordt tegenover 'erras' in r. 4 (par. 5) gezet?

(a)  

17.

Wat is waar over het forum, zoals aangehaald in paragraaf 6?

a)

Het forum is een weinig heilzame plek

b)

Als het kan, moet je het forum vermijden

c)

Ook op het forum kun je in rust leven

d)

Op het forum kun je heilzame contacten opdoen

18.

Welk woord vormt een tegenstelling met 'pace' in paragraaf 7, regel 4?

(a)  

19.

'Servitus una est'. Welke slavernij wordt bedoeld? (r. 9, par. 8)

a)

geestelijke slavernij

b)

lichamelijke slavernij