wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Paragraaf 2.2 check 4 havo

Total questions: 10

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Een monarchie is een

a)

Land met stemrecht

b)

Land met een alleenheerser

c)

Land met een koning

d)

Land zonder koning

2.

Een dictatuur is een

a)

Land met een alleenheerser

b)

Land met een koning

c)

Land met stemrecht

d)

Land waar aanzienlijken aan de macht zijn

3.

Een senaat is een voorbeeld van

a)

Democratie

b)

Monarchie

c)

Aristocratie

d)

Tirannie

4.

Noem het begrip:

Verspreiding van de Grieks-Romeinse cultuur over Europa

(a)  

5.

De ......... (1) zorgde er voor dat het Romeinse ....... (2) enorm zou uitbreiden!

a)

1. Tolerantie

2. Rijk

b)

1. Expansie

2. Imperium

c)

1. Senaat

2. Imperium

d)

1. Expansie

2. Keizer

6.

Selecteer twee gevolgen van het aan de macht komen van de Romeinse keizers

a)

Door Julius Caesar werd het Romeinse Imperium enorm uitgebreid

b)

Welvaart door een lange periode van vrede

c)

Door de expansie onder de keizers veranderde het Romeinse Rijk in een multiculturele samenleving

d)

Alle godsdiensten werden verboden behalve de staatsgodsdienst

7.

Een multiculturele samenleving is een oorzaak/een gevolg van expansie?

(a)  

8.

Welke twee kenmerkende aspecten passen het beste bij deze afbeelding?

Je ziet op de afbeelding het Amfitheater in Nice, Frankrijk

a)

De confrontatie tussen de Germaanse en de Grieks-Romeinse cultuur

b)

De groei van het Romeinse Imperium waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde

c)

De klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur

d)

Ontwikkeling van wetenschappelijk denken over burgerschap en politiek in de Griekse stadstaat

9.

Check hoofdstuk 1

Waarom is het schrift belangrijk bij een georganiseerde staat en samenleving?

a)

Om belangrijke afspraken en regels op te schrijven en belastingen bij te houden

b)

Om zo het leven van elke farao te kunnen beschrijven

c)

Om zo de godenverhalen op te kunnen schrijven

d)

Om de bevolkingsregistratie bij te houden

10.

Check paragraaf 2.1

Een stadsstaat (polis) is:

a)

Een stuk land

b)

Een stad met omliggend gebied dat een eigen bestuur heeft

c)

steden in de bergen

d)

een persoon die alle macht heeft