wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Paragraaf 6.2 check havo

Total questions: 12

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.
In Amsterdam worden allerlei goederen opgeslagen in pakhuizen. Vanuit daar worden ze verder verhandeld. Amsterdam is een...
a)
wereldstad
b)
beurs
c)
multinational
d)
stapelmarkt
2.
De Gouden Eeuw was de....
a)
15e eeuw
b)
16e eeuw
c)
17e eeuw
d)
18e eeuw
3.

Wat betekent het begrip tolerantie?

a)

Verdraagzaamheid tegenover mensen die anders denken en handelen dan dat jij doet, en die mensen in hun waarde laten

b)

Mensen vrij laten denken in hun geloof, zolang ze het maar niet uiten

c)

Mensen eerst anders laten denken dan dat jij doet, maar ze uiteindelijk wel leren hetzelfde te denken

d)

Mensen laten onderzoeken en ontdekken wat ze willen, ook al is het tegen de wil van de kerk in.

4.

Bij welk onderdeel van de paragraaf hoort deze bron (=schilderij uit de 17e eeuw van de grachtengordel, waar handelswaar werd opgeslagen)?

a)

Bijzondere plaats van de Republiek in staatkundig opzicht

b)

Economische bloei van de Republiek

c)

Culturele bloei van de Republiek

5.

Bij welk onderdeel van de paragraaf hoort deze bron (=schilderij uit de 17e eeuw van de grachtengordel, waar handelswaar werd opgeslagen)?

a)

Bijzondere plaats in staatkundig opzicht

b)

Economische bloei van de Republiek

c)

Culturele bloei van de Republiek

6.

Wat maakte de Republiek politiek gezien niet bijzonder?

a)

Er was geen democratie

b)

Burgers waren machtig

c)

Er was geen koning

d)

De Republiek werd bestuurd door verschillende gewesten

7.

De Republiek was feitelijk een:

a)

monarchie

b)

oligarchie

c)

aristocratie

d)

democratie

8.

Wat past niet bij de religieuze situatie in de Republiek?

a)

Gewetensvrijheid

b)

De gereformeerde godsdienst was het belangrijkst

c)

Over het algemeen was er tolerantie

d)

Iedereen mocht zijn geloof openbaar uiten

9.

Check 6.1:

Wat is handelskapitalisme?

a)
Wanneer je geld uitgeeft aan handel met het doel winst te maken
b)
Wanneer je producten ruilt, zonder geld
c)
Wanneer je producten afpakt, zonder te betalen.
10.

Check 5.4:

Wat is een gewest?

a)

een gebied in een land (vergelijkbaar met een provincie)

b)

een ander woord voor land.

c)

een stuk grond in het westen.

11.

Check hoofdstuk 5:

Bij welk kenmerkend aspect hoort het begrip Unie van Utrecht?

a)

Het veranderende mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een nieuwe wetenschappelijke belangstelling.

b)

De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke oudheid

c)

Het begin van de Europese expansie overzee.

d)

De protestantse reformatie had splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg.

e)

Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat.

12.

Check door de tijd heen:

Zet de gebeurtenissen in de juiste volgorde. Ze horen allemaal bij een kenmerkend aspect uit de zestiende of zeventiende eeuw

a)

Ontdekking van Amerika van Columbus

b)

Luther hamert zijn stellingen waarin hij het Katholieke geloof bekritiseert aan de muur

c)

Alva wordt na de beeldenstorm met een leger naar de Nederlanden gestuurd

d)

De VOC pleegt genocide op de Banda-eilanden voor de handel op Nootmuskaat

e)

Johannes Vermeer schildert portretten van burgers in Delft tijdens de culturele bloei van de Republiek

1)
2)
3)
4)
5)