Worksheetsduits - mh2 - maatwerk - werkwoorden
Total questions: 158
Worksheet time: 1hrs 19mins
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > wohnen = Ich @ in Rotterdam.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > rauchen = @ du?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > lernen = Klaus @ Niederländisch.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > sagen = Warum @ ihr nichts?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > warnen = Die Polizei @ vor Taschendieben.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > verdienen = Profi-Fußballspieler @ viel Geld.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > tanzen = @ Sie gerne, Herr Bach?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > surfen = @ du öfters im Netz?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > genügen = Das @!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > leben = Elefanten @ in Afrika und Asien.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > brauchen = @ ihr Hilfe?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kaufen = Ich @ Käse und Wurst.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > stören = @ ich?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > zeigen = Wir @ Simone und Volker die Stadt.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > stimmen = Das @ genau!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > spielen = Du @ sehr gut Klavier!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > entschuldigen = @ Sie bitte!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > schmecken = Der Kuchen @ ausgezeichnet.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > suchen = Was @ Sie, Frau Schubert?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kochen = Mutter @ Gemüsesuppe.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > schicken = @ ihr eine Ansichtskarte?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bezahlen = Ich @ das Essen.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > reichen = Das @ noch lange nicht!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > holen = @ du bitte Tee?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > passen = Die Schuhe @ nicht.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > drohen = Die Entführer @ die Touristen zu töten.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > putzen = Heute @ wir die Fenster.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bestellen = @ du Pizza?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > spazieren = Ich @ nach Hause.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > stören = Sie @ überhaupt nicht, Frau Schumann!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > schicken = @ du mir eine Karte aus Berlin?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > frühstücken = @ ihr immer so spät?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > putzen = Meine Mutter @ die Fenster.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > drohen = Der Entführer @ die Touristen zu töten.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > brauchen = @ du Hilfe?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > klopfen = @ Sie bitte mal an die Tür!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > mieten = @ Ihr in Frankreich ein Ferienhaus?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > merken = @ du das nicht?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kaufen = Klaus @ Käse und Wurst.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > holen = @ Sie bitte sofort Hilfe!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > passen = Die Hose @ genau.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > tanzen = Ich @ gerne Walzer.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bezahlen = Ihr @ das Essen, oder?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > brauchen = Wir @ noch Käse und Eier.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > sagen = Warum @ du nichts?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > warten = Wir @ hier!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > planen = Marianne hat die Reise @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > malen = Du hast ein tolles Bild @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bügeln = Hast du die Wäsche schon @ ?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > führen = Der Reiseleiter hat uns durch das Museum @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > füttern = Hast du die Kühe und die Schweine schon @ ?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > spüren = Hast du denn gar nichts @ ?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > füllen = Das Glas ist bis zum Rand @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > lieben = Herr Händel hat seine Frau immer sehr @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > pflanzen = Bäume werden am besten im Frühling @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bohren = Der Elektriker hat ein Loch in die Wand @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > fehlen = Das hat gerade noch @ !
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bauen = Mein Onkel hat ein Haus @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > sparen = Wir haben viel Geld @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > parken = Wo haben Sie Ihr Auto @ , Frau Schumann?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bremsen = Der Fahrer hat zu spät @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > holen = Hast du schon Brot @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > frühstücken = Ich habe schon @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > klopfen = Es hat jemand @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > merken = Haben Sie etwas @, Frau Wagner?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kochen = Mutter hat Suppe @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > sagen = Warum hast du nichts @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > putzen = Ich habe alle Fenster schon @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > schmecken = Hat es Ihnen @, Herr Schönberg?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kaufen = Elke hat sich einen neuen Pullover @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > warnen = Wir haben euch ja @!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > zumachen = @ du bitte die Tür@?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > einrichten = Der Nachbar @ seine Wohnung neu @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > baden = @ ihr gerne im Meer?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aufmachen = Bitte @ Sie den Schrank @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bluten = Seine Nase @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > reden = Worüber @ du?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > austauschen = Wir @ unsere Adressen @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aufhören = Der Regen @ nicht @!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > erzählen = Du @ Unsinn!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > antworten = Warum @ ihr nicht?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > begleiten = @ ihr uns?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > schaden = Ein bisschen Schnee @ ja nicht.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > spenden = Wir @ für die Opfer.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > trösten = Die Mütter @ ihre Babys.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > reden = Worüber @ ihr die ganze Zeit?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > arbeiten = @ du immer so spät?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > landen = Die Flugzeuge @ pünktlich.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > vorbereiten = @ Sie eine Reise nach China @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > begleiten = @ du mich?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > erzählen = Sabine@ immer dieselben Geschichten.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aufpassen = Die Schüler haben heute gut @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > behandeln = Der Patient wird im Krankenhaus @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > reservieren = Ist dieser Platz @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > umtauschen = Ich habe das teure Kleid doch lieber @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > erreichen = Das Ziel ist @!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > gratulieren = Ich habe Wilhelm zum Geburtstag @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > enttäuschen = Sie ist sehr @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > verstecken = Wo hast du die Beute @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > informieren = Wieso bin ich nicht @ worden?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > anzünden = Wir haben alle Kerzen @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > verzichten = Der Erbe hat auf das Erbe @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > diskutieren = Wir haben intensiv über die richtige Entscheidung @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > zusammenfassen = Ich habe unser Gespräch schriftlich @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > benutzen = Weshalb haben Sie nie die Straßenbahn @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > untersuchen = Diese Polizisten haben das Verbrechen @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aussuchen = Haben Sie schon eine Vorspeise @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > verhaften = Der Spion ist @ worden.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > protestieren = Wir haben vergeblich dagegen @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > beurteilen = Seine Leistung wird positiv @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kopieren = Hast du alle Seiten @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kontrollieren = Alle PKW werden heute Nacht @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aufräumen = Wir haben den Dachboden @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > beleidigen = Warum hast du nette Dame @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > gründen = Diese Organisation ist erst vor kurzem @ worden.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > behaupten = Was hat er @?!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > passieren = Was ist hier @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > retten = Die Männer im Bergwerk sind @ worden.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > kaputtmachen = Du hast den MPPlayer @!
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > regieren = Ludwig IV hat sein Land lange @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > mitteilen = Das neue Datum wird nachher noch @ werden.
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > zumachen = Ich habe das Fenster @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > antworten = Wie haben Sie auf die Frage @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > einrichten = Wir sind zu Hause modern @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > baden = Habt ihr jeden Tag im Meer @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bezahlen = Ich habe schon @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > illustrieren = Das Buch ist toll @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aufhören = Die Musik hat endlich @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > aufwachen = Ich bin heute schon sehr früh @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > vorbereiten = Hast du dich gut auf die Prüfung @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > erzählen = Was haben Sie dem Polizisten @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > einschalten = Warum haben Sie den Fernseher @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > arbeiten = Ich habe diese Woche hart @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > begleiten = Hast du sie nach Hause @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > landen = Ist die Maschine aus Mallorca schon @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > genieren = Ich habe mich furchtbar @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > ankündigen = Angela und Franz haben ihre Hochzeit @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > hinstellen = Wo hast du deinen Koffer @?
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > reden = Sie haben den ganzen Abend miteinander @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > bestellen = Ich habe ein Schnitzel mit Salat @
(a)
H4 - werkwoorden - - tegenw.tijd / volt.dw > trösten = Nach dem Sturz musste das Kind @ werden.
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - ich
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - du
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - er
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - sie (enkelvoud)
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - man
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - es
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - wir
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - ihr
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - sie (meervoud)
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > sein - Sie (U-vorm)
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - ich
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - du
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - er
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - wir
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - ihr
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - sie (meervoud)
(a)
H4 - werkwoorden - - haben | sein > haben - Sie (U-vorm)
(a)
