NEW
Font size
WorksheetsOrgaanstelsels, Organen, Weefsels en Cellen
Total questions: 25
Worksheet time: 12mins
Je ziet hier cellen van een organisme. Welke soort cellen zie je?
dierlijke cellen
plantaardige cellen
Stofwisseling is een levenskenmerk. Wat zijn voorbeelden van stofwisseling?
ademen en groeien
groeien en ontwikkelen
waarnemen en bewegen
ademen en uitscheiden
In de dwarsdoorsnede van de torso is nummer 4 ...
het hart
de long
de ruggewervel
de slokdarm
Nummer 5 in de afbeelding van de torso is..
een long
de lever
de maag
de dikke darm
In cellen regelt de .. alles wat er in de cel gebeuren moet.
vacuole
cytoplasma
celkern
celmembraan
De stevigheid van dierlijke cellen ontstaat door stevige celwanden. Juist of onjuist?
Juist
Onjuist
De lever hoort bij het .......
Bloedvatenstelsel
Verteringsstelsel
Spierstelsel
Zenuwstelsel
Zie je in de afbeelding één of meerdere weefsels?
één weefsel
meerdere weefsels
Onderdeel 1 heet
Cytoplasma
Vacuole
Kern
Cellen zijn plat
Waar
Niet waar
Wat is het celmembraan?
Dat is hetzelfde als de celwand
Dat bestaat niet
Dat regelt alles wat er in de cel gebeurt
Een dun vlies om het celplasma
Een stengel is een orgaan van een plant
Waar
Niet waar
Wat is tussencelstof?
Een stof die tussen de cellen van weefsels zit (levende stof)
Een stof die tussen verschillende weefsels zit
Een ander woord voor weefsel
Een stof die tussen de cellen van weefsels zit (levenloze stof)
Wat is nummer 8?
Dikke darm
Dunne darm
Maag
Nier
Welk orgaanstelsel zie je hier?
Ademhalingsstelsel
Verteringsstelsel
Bloedvatenstelsel
B. Tafel omhoog draaien met de grote schroef
C. Preparaat tussen de klemmen en lampje aan
D. Nauwkeurig scherpstellen met kleine schroef
E. Ongeveer scherpstellen met de grote schroef
Wat is de juiste volgorde?
