wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Toetsvragen 6.3 en 6.4

Total questions: 12

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

warmte uitgedrukt in graden: (a)  

2.

Vul het juiste begrip in regen, wind en sneeuw: (a)  

3.

Wat woord past in deze zin?

Het onderdeel van de aarde dat ten ..... valt van de evenaar is het noordelijk halfrond

a)

zuiden

b)

noorden

c)

oosten

d)

westen

4.

Nederland heeft een (a)   klimaat

5.

Loofbomen zijn bomen die in de winter hun blaadjes niet verliezen, want ze kunnen tegen de kou

a)

juist

b)

onjuist

6.

Een poolklimaat heeft een temperatuur in de zomer niet hoger dan (a)   graden.

7.

Het landklimaat heeft strenge zomers en koude winters

a)

juist

b)

onjuist

8.

Als het niet warmer wordt dan 10 graden in de zomer heb je een poolklimaat.

a)

Juist

b)

Onjuist

9.

Een regenwoud ligt in een (a)   klimaat

10.

Een grafiek met staafjes en een rode lijn is een (a)  

11.

Meerdere antwoorden zijn goed

In het tropisch klimaat...

a)

is het in de winter warmer dan 18 graden.

b)

is het in de zomer kouder dan 10 graden.

c)

regent het heel weinig.

d)

kan het soms gaan sneeuwen

12.

De berg Mont Blanc ligt ver weg van de evenaar, leg uit dat de top van de berg toch een poolklimaat kan hebben.

4 lines