wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema 3 Basiskennis Beveiliging hfd 1 tm 4

Total questions: 15

Worksheet time: 28mins

Name
Class
Date
1.

Beveiliging is van elke organisatie een...

a)

hoofddoel

b)

nevendoel

2.

Wat is het doel van beveiligen?

a)

een omgeving, object of persoon beschermen tegen schadelijke invloeden of van buitenaf

b)

een persoon of (een deel van) een object voortdurend in de gaten houden

c)

informatie verzamelen door je zintuigen te gebruiken

3.

Wat is observeren?

a)

slecht waarnemen

b)

gericht waarnemen

c)

selectief waarnemen

4.

Wat is het primaire proces binnen een organisatie?

a)

de belangrijkste activiteiten binnen een bedrijf

b)

alle activiteiten binnen een bedrijf

c)

de beveiliging van een bedrijf

d)

de veiligheid van een bedrijf

5.

Wat betekent OBT-maatregelen?

a)

organische

bouwkundige

elektronische

maatregelen

b)

organisatorisch

beveiligende

elektronische

maatregelen

c)

organisatorische

bouwkundige

elektrische

maatregelen

d)

organisatorische

bouwkundige

elektronische

maatregelen

6.

Wat is een voorbeeld van een organisatorische maatregel?

a)

BHV-training

b)

schuifpoort

c)

bewegingsmelder

7.

Wat is een voorbeeld van een bouwkundige maatregel?

a)

BHV-training

b)

schuifpoort

c)

bewegingsmelder

8.

Wat is een voorbeeld van een elektronische maatregel?

a)

BHV-training

b)

schuifpoort

c)

bewegingsmelder

9.

Beveiligen met behulp van bouwkundige middelen is een vorm van...?

a)

manbeveiliging

b)

materiële beveiliging

c)

personele beveiliging

d)

animale beveiliging

10.

Beveiliging met behulp van een surveillance hond is een voorbeeld van...?

a)

manbeveiliging

b)

materiële beveiliging

c)

personele beveiliging

d)

animale beveiliging

11.

Beveiliging door te surveilleren is een voorbeeld van...?

a)

manbeveiliging

b)

materiële beveiliging

c)

personele beveiliging

d)

animale beveiliging

12.

Wat voor soort object is een stationshal?

a)

open object

b)

halfbesloten object

c)

besloten object

13.

Wat voor soort object is een treinperron?

a)

open object

b)

halfbesloten object

c)

besloten object

14.

Wat voor soort object is de kantine van de conducteurs?

a)

open object

b)

halfbesloten object

c)

besloten object

15.

Waaraan herken je een halfbesloten object?

a)

het is zonder voorwaarden voor iedereen toegankelijk

b)

het is alleen toegankelijk voor bepaalde personen

c)

het is onder bepaalde voorwaarden toegankelijk