Font size
WorksheetsOefentoets thema 1 - identiteit (versie A)
Total questions: 15
Worksheet time: 10mins
Wat betekent identiteit?
Alle uiterlijke kenmerken van iemand.
Alle innerlijke kenmerken van iemand.
Alle aangeboren en aangeleerde eigenschappen van iemand.
Alle zaken die iemand in de opvoeding heeft geleerd.
Wat betekent persoonlijkheid?
Alle culturele kenmerken van iemand.
Alle innerlijke kenmerken van iemand.
Alle aangeboren en aangeleerde eigenschappen van iemand.
Alle zaken die iemand in de opvoeding heeft geleerd.
Wat is geen voorbeeld van identiteit?
Iemand heeft een tatoeage in de nek.
Iemand draagt een bril.
Iemand draagt oorbellen.
Iemand praat vooral Italiaans.
Wat is geen voorbeeld van persoonlijkheid?
Iemand is heel verlegen.
Iemand draagt paarse contactlenzen.
Iemand heeft blauwe ogen.
Iemand praat vooral Spaans.
Welke uitspraak is juist?
Iemands geslacht is een kenmerk van identiteit.
Iemands gender is een kenmerk van identiteit.
Verbind de begrippen met de juiste omschrijving.
Geslacht
Hoe iemand geboren wordt.
Gender
Of iemand zich man, vrouw of anders voelt.
Heteroseksueel
Iemand valt op het andere geslacht.
Homoseksueel
Iemand valt op hetzelfde geslacht.
Wat is een norm?
Een gedragsregel
Een wet
Een idee over wat belangrijk is.
Dat iemand een normaal persoon is.
Wat is een waarde?
Een fatsoensregel
Een wet
Een idee over wat belangrijk is.
Dat iemand een normaal persoon is.
Wat zie je hier?
Een norm
Een waarde
Waar strijden deze mensen voor?
Een norm
Een waarde
Waar heeft deze tekst het meeste te maken?
Een norm
Een waarde
Verbind de normen met de waarden die erbij horen.
Stoppen voor een rood stoplicht.
Veiligheid in het verkeer
Opstaan voor een oudere persoon in de bus.
Respect voor ouderen.
Iets uit het bovenste winkelrek pakken voor een kind.
Behulpzaam zijn
Beleefd zijn tegen docenten en agenten.
Respect voor mensen in functie.
Verbind ieder begrip met de juiste omschrijving.
Cisgender
Iemand die zich voelt als zijn geslacht.
Transgender
Iemand die zich bij een ander geslacht voelt horen.
Panseksueel
Iemand die op persoonlijkheid verliefd wordt.
Aseksueel
Iemand die geen gevoelens van lust heeft.
Intersekse
Iemand met mannelijke en vrouwelijke geslachtskenmerken.
Wat is een ander woord voor een gedragsregel?
(a)
Welk woord gebruiken we ook wel voor de uiterlijke kenmerken van iemand?
(a)
