wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2(T)H H1 par 5 - 6 hoog en laag Nederland

Total questions: 18

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.
Tot waar kwam het landijs in Nederland/
a)
Amsterdam - Amersfoort
b)
Amsterdam - Utrecht
c)
Haarlem - Utrecht- Arnhem
d)
Haarlem-Utrecht-Nijmegen
2.
Wat is klei?
a)
De kleinste korreltjes sediment die alleen met een microscoop te zien zijn.
b)
De grootste korreltjes sediment die alleen met een microscoop te zien zijn. 
c)
De kleinste korreltjes sediment die met het blote oog te zien zijn. 
d)
De grootste korreltjes sediment die met het blote oog te zien zijn. 
3.

De achtergebleven heuvels die zijn ontstaan door de laatste ijstijd noemen we

a)

stuwwallen

b)

smeltwaterdalen

c)

zwerfstenen

d)

dekzand

4.

De bodem in Hoog-Nederland is relatief onvruchtbaar. Om het geschikt te maken gebruikten ze vroeg schapenpoep. Door het grazen van schapen onstonden .....

a)

heides

b)

stuwwallen

c)

smeltwaterdalen

d)

veen

5.

Welke sporen zijn nog steeds zichtbaar van de Saale-ijstijd in het landschap van Hoog-Nederland?

a)

smeltwaterdalen

b)

stuwwallen

c)

veen

d)

terpen

6.

Waar kwam het dekzand (wat in hoog NL) voorkomt vandaan?

a)

Het kwam van de drooggevallen Noordzee en werd door de wind naar Nederland geblazen.

b)

Het kwam van de drooggevallen Noordzee en werd door het landijs naar Nederland getransporteerd.

c)

Het kwam uit Scandinavië en werd door het landijs naar Nederland getransporteerd.

d)

Het kwam vanuit de Alpen en werd door de rivieren naar Nederland gebracht.

7.

Waar kwam het landijs vandaan tijdens de voorlaatste ijstijd?

a)

Groenland

b)

Scandinavië

c)

De Alpen

d)

Duitsland

8.

Welke afzettingen horen bij het postglaciaal (na de ijstijd)?

a)

dekzand

b)

löss

c)

zwerfstenen

d)

puinwaaier

9.

Polders zijn

a)

Stukken omdijkt land waar de waterstand wordt geregeld!

b)

Stukken land waar de mens niets mee doet!

c)

Stukken omdijkt land waar de eb en vloed worden geregeld!

d)

Stukken land waar de zee regelmatig het land onder water zet!

10.

Op de foto zie je

a)

Kiezels

b)

Stenen

c)

Zwerfkeien

d)

Blokken beton

11.

Tijdens een ijstijd

a)

Daalt de zeespiegel

b)

Stijgt de zeespiegel

c)

Groeit het ijs aan op de zee

d)

Komt er ijs vanuit de bergen naar de zee

12.

Welk landschap zie je op de afbeelding?

a)

Veenlandschap

b)

Zandlandschap

c)

Rivierkleilandschap

d)

Heuvellandschap

13.

Veengrond heeft te maken met

a)

klei

b)

planten

c)

zand

d)

loss

14.

Een terp

a)

is gemaakt door mensen

b)

is gemaakt door de natuur

15.

Een polder heeft altijd te maken met

a)

bos

b)

moeras

c)

koeien

d)

dijken

16.

Polders liggen lager dan het omliggend gebied

a)

nou, dat klopt

b)

nou, dat klopt niet

17.

Waar is het veen landschap van gemaakt?

a)

Planten resten

b)

Zand en klei

c)

Afgebroken hout resten

d)

Schoenen

18.

In welk gebied wordt sediment met name neergelegd?

a)

A - in de bovenloop van de rivier

b)

B - in de middenloop van de rivier

c)

C - in de benedenloop van de rivier