Font size
WorksheetsRace elektriciteit
Total questions: 11
Worksheet time: 3hrs 45mins
Zet de passende grootheid bij het juiste symbool
Weerstand
R
Spanning
Q
Stroomsterkte
I
Lading
U
Zet de juiste grootheid (bijvoorbeeld afstand) bij de juiste eenheid (bijvoorbeeld meter)
Stroomsterkte
Ampère (A)
Weerstand
Ohm (Ω)
Lading
Coulomb (C)
tijd
Secondes (S)
Spanning
Volt (V)
Joost is zelf een zaklamp aan het maken. Hij weet dat zijn lampje een weerstand heeft van 7.5 ohm. Het lampje gaat kapot als de stroomsterkte groter is dan 2,6 Ampère. Elke batterij die hij er in levert 4,5 volt aan spanning, hoeveel batterijen kan hij dan maximaal in zijn zaklamp gebruiken?
(rond je antwoord af op hele batterijen)
(a)
Alex meet de stroom door een elektrische motor. Hij meet een stroomsterkte van 0,6 A. Hij weet dat de spanning van de batterij 48 Volt is. Wat is de weerstand van de motor?
(a)
Sleep het juiste symbool naar de juiste naam
Ampèremeter
Lampje
LDR (Light Dependent Resistance)
Weerstand
Schakelaar
Welke van deze apparaten heeft de grootste weerstand?
Apparaat 1
Apparaat 2
De weerstand is bij beiden even groot
Er is niet genoeg informatie om deze vraag te beantwoorden
De 3 weerstanden hebben dezelfde waarde. We weten dat de totale spanning U 18 V is. De stroomsterkte is 4 A. Bereken nu wat de weerstand is van R1.
Tip: gebruik de rekenregels voor een serieschakeling in paragraaf 3.
(a)
In de volgende afbeeldingen staat een amperemeter. Sorteer ze zo dat links de schakeling staat waarbij de ampèremeter de laagste stroomsterkte aangeeft en rechts de schakeling waarin de ampèremeter de hoogste stroomsterkte aangeeft
Wat is de formule waarmee je weerstand kunt berekenen?
R=UI
R=IU
R=U⋅I
R=U+I
wat trekt een min-lading aan
min
plus
beide
geen van beide
Met welke wet beschrijf je de verhouding tussen spanning en stroomsterkte, als de twee evenredig zijn?
wet van spanning
wet van ampere
wet van ohm
wet van george
