WorksheetsHerhaling toetsweektoets 4 basis
Total questions: 38
Worksheet time: 21mins
Wanneer gebruik je in de Nederlandse taal een . als leesteken?
(a)
Welk leesteken gebruik je bij een opsomming?
.
,
''
?
Welk leesteken moet er tussen de [ ] staan?
[ ] Kom we gaan, [ ] zei mijn tante.
(a)
Wanneer gebruik je een uitroepteken (!)?
(a)
Welke woorden in de volgende zin moeten met een hoofdletter?
Ik wil graag op vakantie naar amerika met pasen.
(a)
Welke samenstelling is juist geschreven?
zonnenschijn
zonneschijn
Welke samenstelling is juist geschreven?
groentensoep
groentessoep
groentesoep
Welke samenstelling is juist geschreven?
spinnenweb
spinneweb
spinweb
Welke samenstelling is juist geschreven?
roekenloos
roekeloos
Welke samenstelling is juist geschreven?
berensterk
berenkooi
berengezellig
Welke samenstelling is fout geschreven?
maneschijn
appelsap
apenrots
spinnenwiel
Welke samenstelling is fout geschreven?
secondewijzer
Koninginnedag
apentrots
leeuwenkooi
Schrijf het woord tussen haakjes op de juiste manier.
Ron is een hardloper van 1.93 m. Hij is een (lange afstand loper).
(a)
Schrijf het woord tussen haakjes op de juiste manier.
Bij de Ikea hebben we nieuwe glazen voor witte wijn gekocht. (wit wijn glas)
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: glas
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: rund
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: museum
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: hiëroglief
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: auto
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: lolly
(a)
Geef van het woord het juiste meervoud: cowboy
(a)
Ik ben beter ... jij bent.
als
dan
Klas 4C scoorde beter ... klas 4D.
als
dan
4A en 4B hebben samen dezelfde hoeveelheid leerlingen ... 3A en 3B.
als
dan
Vul de vergrotende en overtreffende trappen aan: leuk
(a)
Vul de vergrotende en overtreffende trappen aan: goed
(a)
Vul de vergrotende en overtreffende trappen aan: veel
(a)
Geef de juiste spelling van het werkwoord tussen haakjes. Let op de tijd waarin het werkwoord staat!
Rachel ... (verlaten, vt) Ross voor de vierde keer.
(a)
Geef de juiste spelling van het werkwoord tussen haakjes. Let op de tijd waarin het werkwoord staat!
De telefoon ... (rinkelen, tt) al de hele ochtend.
(a)
Geef de juiste spelling van het werkwoord tussen haakjes. Let op de tijd waarin het werkwoord staat!
... (vinden) jij ook dat het schooljaar snel gaat?
(a)
Geef de juiste spelling van het werkwoord tussen haakjes. Let op de tijd waarin het werkwoord staat!
Ik heb vanmorgen met de hond ... (wandelen, vdw).
(a)
Geef de juiste spelling van het werkwoord tussen haakjes. Let op de tijd waarin het werkwoord staat!
Mijn neef ... (verbranden, tt) alle foto's van zijn ex-vriendin.
(a)
Geef de juiste spelling van het werkwoord tussen haakjes. Let op de tijd waarin het werkwoord staat!
Wij ... (zijn, vt) vanmorgen hard naar school ... (rennen, vdw).
(a)
Het doel van een advertentie is (bijna) altijd:
informeren
amuseren
overhalen
overtuigen
Als de bron van een tekst een krant is, want zal dan waarschijnlijk het tekstdoel zijn?
informeren
amuseren
overtuigen
activeren
Het signaalwoord 'ook' geeft aan dat je te maken hebt met een:
tegenstelling
opsomming
oorzaak-gevolg
Het signaalwoord 'echter' geeft aan dat je te maken hebt met een:
opsomming
oorzaak-gevolg
tegenstelling
Het signaalwoord 'dus' geeft aan dat je te maken hebt met een:
tegenstelling
opsomming
conclusie
oorzaak-gevolg
