wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Oefenvragen hoofdstuk 9

Total questions: 10

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Welk woord mist?

Glucose + zuurstof \rightarrow ........ + koolstofdioxide

a)

water

b)

energie

c)

CO2

d)

zetmeel

2.

Voedingsstoffen worden vervoerd door:

a)

rode bloedcellen

b)

witte bloedcellen

c)

bloedplaatjes

d)

plasma

3.

Meerdere organen die samenwerken aan een bepaalde taak noem je een

(a)  

4.

Lucht gaat door de bronchiën door de luchtpijptakjes naar de ....

a)

luchtpijp

b)

longblaasjes

c)

haarvaten

d)

longen

5.

Vertering vindt plaats op deze plekken: (je kunt meerdere antwoorden kiezen)

a)

mond

b)

maag

c)

twaalfvingerige darm

d)

dunne darm

e)

dikke darm

6.

De letter(s) die hoort/horen bij stikstof is:

(a)  

7.

Welk orgaan is een uitscheidingsorgaan?

a)

alvleesklier

b)

hart

c)

mond

d)

huid

8.

Wat doet een nier met afvalstoffen?

a)

via het bloed naar de lever sturen

b)

naar de blaas afvoeren

c)

opslaan

d)

uitzweten

9.

Waarom is de alvleesklier belangrijk?

a)

voor verteringssappen

b)

als uitscheidingsorgaan

c)

voor glucose in het bloed

d)

voor glucose en verteringssappen

10.

Aders hebben een speciale eigenschap. Dat is:

a)

Ze zijn sterk en flexibel

b)

Ze zijn heel dun

c)

Aders zijn een verzamelnaam

d)

Aders hebben kleppen