Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Paragraaf 8.4 Check 4 havo

Total questions: 11

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Bij welk kenmerkend aspect hoort deze bron?

a)

De industriële revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriële samenleving.

b)

Discussies over de ‘sociale kwestie’.

c)

De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme, socialisme, confessionalisme en feminisme.

d)

De opkomst van emancipatiebewegingen.

e)

Voortschrijdende democratisering, met deelname van steeds meer mannen en vrouwen aan het politieke proces.

2.

Welke stroming is voor vrouwen rechten?

(a)  

3.

Oorzaak van de feministische beweging - Kies er twee

a)

Vrouwen werden gezien als handelingsonbekwaam

b)

Vrouwen mochten niet trouwen met wie ze zelf wilden

c)

Vrouwen mochten niet zelf een rechtszaak 

aanspannen

d)

Vrouwen mochten niet werken

4.

​ (a)   van de feministische beweging waren bijvoorbeeld dat de vrouw een betere positie kreeg in de ​ (b)   . Vrouwen kregen ​ (c)   over hun kinderen. Steeds meer meisjes gingen naar de ​ (d)   en uitendelijk krijgen vrouwen kiesrecht in ​1919.

Choose from the below words
Gevolgen
maatschappij
medezeggenschap
universiteit
1917
1848
werk
kroeg
oorzaken
Oorzaken
5.

Wat is een politieke stroming?

a)

Een sekte van mensen met dezelfde normen en waarden.

b)

Mensen die hetzelfde denken en invloed willen op de maatschappij via de politiek.

c)

Mensen die dezelfde hobby hebben.

d)

Een groep wetenschappers die hetzelfde onderzoeken en dit delen willen delen met de maatschappij.

6.

Wat is GEEN politieke stroming?

a)

Feminisme

b)

Confessionalisme

c)

Dictatorisme

d)

Liberalisme

e)

Socialisme

7.

Bij de politieke stroming confessionalisme staat.........

a)

de arbeider centraal.

b)

de overheid centraal.

c)

gelijkheid centraal.

d)

het geloof centraal.

8.

Bij welke stroming past deze uitspraak over de Schoolstrijd?

"God's kinderen hebben het recht op een door de overheid gefinancierde school met den Bijbel!"

a)

Liberalisme

b)

Nationalisme

c)

Socialisme

d)

Confessionalisme

e)

Feminisme

9.

Check:

Bij welk tijdvak hoort het begrip:

protestantisme

a)

Tijdvak 5

b)

Tijdvak 6

c)

Tijdvak 7

d)

Tijdvak 8

10.

Check H5 en H6:

Match de persoon met het kenmerkend aspect

a)

Lodewijk XIV

1.

streven van vorsten naar absolute macht

b)

Johannes Calvijn

2.

Protestantse reformatie die de splitsing van de kerk tot gevolg had

c)

Cristoffel Columubs

3.

Europese overzeese expansie

d)

Johan van Oldenbarnevelt (raadspensionaris van de Republiek)

4.

bijzondere plaats in staatkundig opzicht van de Republiek

e)

Jan Pieterszoon Coen (goeverneur van de VOC)

5.

Wereldwijde handelscontacten en handelskapitalisme

11.

Bij welk kenmerkend aspect hoort het begrip parlementair stelsel

a)

De industriële revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriële samenleving.

b)

Discussies over de ‘sociale kwestie’.

c)

De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme, socialisme, confessionalisme en feminisme.

d)

De opkomst van emancipatiebewegingen.

e)

Voortschrijdende democratisering, met deelname van steeds meer mannen en vrouwen aan het politieke proces