wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Zuid Amerika: politieke ontwikkelingen

Total questions: 16

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Deze 'dwaze moeders' demonstreren nog wekelijks tegen een oude dictatuur; in welk land is dit?

a)

Chili

b)

Equador

c)

Brazilië

d)

Argentinië

2.

Je ziet hier Jorge Videla, voormalig dictator. Rechts van hem zie je de staatssecretaris van Landbouw onder zijn regime. Van wie is deze man de schoonvader?

a)

Lionel Messi

b)

Diego Maradonna

c)

Koning Willem Alexander

d)

Evita Perón

3.

Welke taak behoorde NIET tot het pakket van maatregelen van de Spaanse overheersers?

a)

De indianen beschermen tegen overheersing

b)

De indianen bekeren tot het Christelijke geloof

c)

De indianen arbeid laten leveren en belasting laten betalen

d)

De indianen gelijke rechten en plichten geven

4.

Wat veranderde er NIET na de onafhankelijkheid van de Zuid-Amerikaanse staten?

a)

Er moest nog steeds belasting worden betaald aan Spanje

b)

De elite bleef formeel aan de macht

c)

De massale migratie naar de steden

d)

Grondstoffen mochten alleen verhandeld worden met Spanje

5.

Welke charismatische leider zien we hier op de foto?

a)

Evita Perón

b)

Julia de San Martín

c)

Simóne Bolívar

d)

Juanita

6.

Welke (voormalig) dictator zie je hier op de foto?

a)

Bolsonaro - Brazilië

b)

Jorge Videla - Argentinië

c)

Pinochet - Chili

d)

Franco - Spanje

7.

Welke peiler is géén onderdeel van een sterke populistische stroming?

a)

Een krachtige leider met een krachtige uitstraling

b)

Een sterk leger en politieapparaat

c)

Cliëntelisme bij een sterke economische groei

d)

Een band met het buitenlandse kapitaal

8.

Welke politieke stroming vormt de jaren 1930 tot 1960 in Zuid-Amerika?

a)

De dictaturen

b)

De democratisering en bevolkings-participatie

c)

Het populisme

d)

Het neoliberalisme

9.

Wat was een nadeel van het neoliberalisme in de jaren '80 en '90 in Zuid-Amerika?

a)

Minder inspraak van de bevolking

b)

Grote kloof tussen arm en rijk (Gini-index)

c)

Een oneerlijke concurrentie met buurlanden

d)

Een algemene economische inflatie

10.

Wat is géén element van good governance (goed bestuur), onderdeel van de democratie?

a)

Cliëntelisme

b)

Bevolkings-participatie

c)

Transparant en rechtvaardig en redelijk

d)

Effectief en efficiënt

11.

Welk land wilde veel invloed uitoefenen op Zuid-Amerika na WOII?

a)

VK

b)

VS

c)

Nederland

d)

China

12.

Welk land binnen Zuid-Amerika, kent binnen het neopopulisme een sterk linkse- en anti-USA koers?

a)

Colombia

b)

Argentinië

c)

Brazilië

d)

Venezuela

13.

Welk land kent het grootste % mestiezen (Spaans/Indiaans) in het land?

a)

Brazilië

b)

Paraguay

c)

Suriname

d)

Ecuador

14.

Welk land kent het grootste % Aziaten in het land?

a)

Brazilië

b)

Paraguay

c)

Suriname

d)

Ecuador

15.

Welk land kent het grootste % Indianen in het land?

a)

Bolivia

b)

Venezuela

c)

Ecuador

d)

Chili

16.

Welk land kent het grootste % blanken in het land?

a)

Argentinië

b)

Colombia

c)

Brazilië

d)

Uruguay