Font size
WorksheetsParagraaf 9.3 check 4 Havo
Total questions: 12
Worksheet time: 9mins
Waaraan zie je dat de SU onder Stalin een totalitaire staat was? (kies er meerdere)
De jeugd werd geïndoctrineerd in jeugdbewegingen en op school
De totale bevolking mocht meebeslissen in het bestuur
Elke vorm van oppositie was verboden
Alle kunstenaars stonden onder het gezag van de staat
Wat voor een politicus was Hitler?
Nationalistisch
Liberaal
Sociaal
Communistisch
Welk kenmerk hoort niet bij Hitlers partij?
Racistisch
Antidemocratisch
Nationalistisch
Communistisch
Een kenmerk dat het nationaal-socialisme wel heeft, maar het communisme en fascisme niet is:
Rassenleer
Autoritair regime
Anti-democratisch
Gelijke lonen voor de hele bevolking
Match het begrip met de juiste beschrijving
Autoritair
Bestuur met harde hand, niet democratisch
Antisemitisme
Jodenhaat
Persoonsverheerlijking
Leider wordt opgehemeld
Propaganda
Het willen beïnvloeden van een groep mensen
Fascisme
Stroming die anti-democratisch is met een sterke leider aan de macht
Match de persoon aan de juiste stroming
Communisme
Nationaal-Socialisme
Fascisme
Wat is het kenmerkende aspect:
het in de praktijk brengen van de (a) (b) : fascisme, (c) , en communisme
Check door de tijd heen:
Match het begrip met het kenmerkende aspect
Aflaten
de protestantse Reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had
Verenigde Oost-Indische Compagnie
wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie
Rationalisme
rationeel optimisme en ‘verlicht denken’
Plantages
uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekolonies
Beeldenstorm
het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat
Check 8.6:
Wat is de belangrijkste link tussen het Modern Imperialisme en de Industriële Revolutie?
de motieven
grondstoffen
afzetgebieden
grondstoffen en afzetgebieden
Welke twee kenmerkende aspecten horen bij paragraaf 5.1: De Renaissance
Het veranderende mens-en wereldbeeld van de renaissance en het begin van de wetenschappelijke belangstelling
De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke oudheid
Expansie van het christendom
Europese Expansie
Zet de volgende tijdvakken in de goede volgorde
Ontdekkers en Hervormers
Regenten en Vorsten
Pruiken en Revoluties
Burgers en Stoommachines
Wereldoorlogen
