WorksheetsPast Simple vs. Past Continuous M3
Total questions: 20
Worksheet time: 8mins
My sister was screaming at the top of her voice.
Iets dat op een bepaald moment in het verleden aan de gang was
Iets dat in het verleden is gebeurd en voorbij/afgesloten is.
She thought she saw a ghost this morning.
Iets dat op een bepaald moment in het verleden aan de gang was
Iets dat in het verleden is gebeurd en voorbij/afgesloten is.
It turned out to be the shadow of her cat.
Iets dat op een bepaald moment in het verleden aan de gang was
Iets dat in het verleden is gebeurd en voorbij/afgesloten is.
We were all laughing at her.
Iets dat op een bepaald moment in het verleden aan de gang was
Iets dat in het verleden is gebeurd en voorbij/afgesloten is.
After she finally calmed down, she laughed at it as well.
Iets dat op een bepaald moment in het verleden aan de gang was
Iets dat in het verleden is gebeurd en voorbij/afgesloten is.
Yesterday we played tennis at 17:00 and hit the showers at 18:00.
Past Simple,
omdat er een duidelijk tijdsaanduiding bij staat en het is voorbij.
Past Continous, omdat het op dat specifieke moment aan de gang was.
She was taking a powernap while her brother was barking back at their dog.
Past Simple,
omdat er een duidelijk tijdsaanduiding bij staat en het is voorbij.
Past Continous, omdat het op dat specifieke moment aan de gang was.
Last lesson the teacher explained the difference between the Past Simple and Past Continuous.
Past Simple,
omdat er een duidelijk tijdsaanduiding bij staat en het is voorbij.
Past Continous, omdat het op dat specifieke moment aan de gang was.
We were all working very hard and hoping for the best.
Past Simple,
omdat er een duidelijk tijdsaanduiding bij staat en het is voorbij.
Past Continous, omdat het op dat specifieke moment aan de gang was.
Yesterday at 16:15? I was cycling home from school and praying that it wasn't going to rain.
Past Simple,
omdat er een duidelijk tijdsaanduiding bij staat en het is voorbij.
Past Continous, omdat het op dat specifieke moment aan de gang was.
Past Simple
He ... her his secret this morning. (vertellen)
tell
telled
told
teld
Past Simple
We ... him for the first time 3 years ago. (ontmoeten)
met
meet
meeted
meat
Past Simple
They ... away right after the rained had stopped. (gaan)
goes
gone
go
went
Past Simple
I ... a new watch, dress and pair of sneakers last weekend. (kopen)
buyed
buy
bought
buys
Past Simple
That was me! I ... your vase last week. (breken)
broke
broken
break
breaked
Past Continuous
What they were doing? They ... across the channel, from Dover to Calais. (zwemmen)
was swim
swam
were swimming
swimming
Past Continuous
She ... paper airplanes through the open window of her secret crush's bedroom. (gooien)
were throwing
threw
was throwing
throws
Past Continuous
My parents ... up ballons and hanging up the decorations for my sister's bithday party. (blazen)
were blowing
blow
was blowing
blew
Past Continuous
Our cat ... the left over chocolate birthday cake. (eten)
ate
was eating
eats
were eating
Past Continuous
The little girl ... in the middle her parent's kingsize bed. (slapen)
slept
sleeps
was sleeping
were sleeping
