WorksheetsWerkwoordspelling - PVVT
Total questions: 15
Worksheet time: 8mins
De kat ___ (krabben) hem hard
Krabte
Krabde
Krabdte
Welk woord klopt hier niet: Zingen loopte de eigenaar door zijn nieuwe pand.
Zingend
Pand
Loopte
Wat had het wel moeten zijn? Zingend ___ (lopen) de eigenaar door zijn nieuwe pand
Liep
Liepte
Loopde
Samen met de docent ___ (verblijven) de leerlingen in het hostel
Verblefen
Verbleven
Verbleeven
Verblijfden
Welke twee letters haal je van het infinitief af om 't Kofschip toe te passen?
(a)
De jongens ___ (roken) aan een nieuwe geurkaars
Rookten
Rieken
Roken
Rookden
De leerling ___ (beantwoorden) de vragen eerlijk toen de directeur dat vroeg
Beantwoordde
Beantwoorde
Beantwoordte
Beantwoordden
Frits ___ (verzoeken) de gasten het pand te verlaten
Verzoekte
Verzoekde
Verzocht
Verzochtte
De kapper ___ (knippen) zijn haren
Knipten
Knipden
Knipde
Knipte
___ (groeide) jullie kitten ook zo snel?
Groeite
Groeide
Groeidde
Groeitte
Hij ___ (kneden) de klei erg lang
Kneedde
Knede
Kneette
Kneedte
Samen ___ (fietsen) de collega's naar het personeelsuitje
Fietstten
Fietsten
Fietsden
Fietsdden
___ (kronkelen) de slang op jouw hand ook zo eng?
Kornkeltte
Kornkelte
Kronkeldde
Kronkelde
De verkoper ___ (aankleden) de klant aan
Kleedde
Klede
Kleedte
Kleedden
De soldaten ___ (veroveren) veel grondgebied
Veroverdden
Veroverten
Veroverden
Veroverden
