wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Werkwoorden compleet

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

(bakken - perfectum)

Mijn buurman ___ een heerlijke taart _______

(a)  

2.

(blijven - perfectum)

We ____ heel het weekend thuis ____

(a)  

3.

(drinken - imperfectum)

Vroeger (a)   ik elke dag een liter cola.

4.

(bewegen - imperfectum)

Tijdens de lockdown (a)   hij meer dan nu.

5.

(lezen - perfectum)

Jullie ___ een Nederlanstalig boek ____

(a)  

6.

(dragen - imperfectum)

Vroeger (a)   meisjes meer rokken dan nu.

7.

(genieten - perfcetum)

_____ jullie van de zon ____? Het was heerlijk weer!

(a)  

8.

(helpen - perfectum)

Mijn kinderen _____ me met de afwas _____.

(a)  

9.

(liggen - imperfectum)

De kat (a)   heel de dag te slapen.

10.

(nemen - perfectum)

____ jij al een koekje ___?

(a)  

11.

Vroeger (a)   ik nooit omdat ik geen tijd had.

12.

(ruiken - perfectum)

Ik ____ gas ____ dus ik heb de gasmaatschappij gebeld.

(a)  

13.

(springen - prefectum)

Hij ____ van een brug in het water ____ .

(a)  

14.

(sterven - perfectum)

Mijn oma ____ op haar negentigste ______ .

(a)  

15.

(vergeten - imperfectum)

Vorige week (a)   ik om de vuilbakken buiten te zetten.

16.

(vertrekken - perfectum)

De trein ____ weeral te laat _______.

(a)  

17.

(winnen - imperfectum)

Die Belgische film (a)   een Oscar.

18.

(zingen - imperfectum)

Mijn moeder (a)   prachtig.

19.

(zwemmen - perfectum)

Wie _____ al in de Noordzee ___________ ?

(a)  

20.

(zoeken - perfectum)

We ____ lang naar een nieuw appartement ____

(a)