wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

SO Bewegen en Blessures MAVO

Total questions: 40

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. In het eerste plaatje zie je het heiligbeen afgebeeld.

Tot welke beenverbinding behoort het heiligbeen?

a)

door kraakbeen

b)

vergroeid

c)

door gewricht

d)

door een naad

2.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. In het tweede plaatje zie je de schedel afgebeeld.

Tot welke beenverbinding behoort de schedel?

a)

door kraakbeen

b)

vergroeid

c)

door gewricht

d)

door een naad

3.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. In het derde plaatje zie je twee wervels afgebeeld.

Tot welke beenverbinding behoren de wervels?

a)

door kraakbeen

b)

vergroeid

c)

door gewricht

d)

door een naad

4.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. In het vierde plaatje zie je de botjes van de hand afgebeeld.

Tot welke beenverbinding behoren de vingers?

a)

door kraakbeen

b)

vergroeid

c)

door gewricht

d)

door een naad

5.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. Bij welke beenverbindingen is geen beweging mogelijk?

a)

bij afbeelding 1

b)

bij afbeelding 2

c)

bij afbeelding 3

d)

bij afbeelding 4

6.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. Bij welke beenverbinding is er een beetje beweging mogelijk?

a)

bij afbeelding 1

b)

bij afbeelding 2

c)

bij afbeelding 3

d)

bij afbeelding 4

7.

Bekijk de afbeelding goed.

In de afbeelding zie je verschillende beenverbindingen afgebeeld. Bij welke beenverbinding is er veel beweging mogelijk?

a)

bij afbeelding 1

b)

bij afbeelding 2

c)

bij afbeelding 3

d)

bij afbeelding 4

8.

Bekijk de afbeelding hiernaast goed. In de afbeelding zijn verschillende gewrichten afgebeeld.

Welk gewricht is afgebeeld bij plaatje 1?

a)

rolgewricht

b)

scharniergewricht

c)

kogelgewricht

9.

Bekijk de afbeelding hiernaast goed. In de afbeelding zijn verschillende gewrichten afgebeeld.

Welk gewricht is afgebeeld bij plaatje 2?

a)

rolgewricht

b)

scharniergewricht

c)

kogelgewricht

10.

Bekijk de afbeelding hiernaast goed. In de afbeelding zijn verschillende gewrichten afgebeeld.

Welk gewricht is afgebeeld bij plaatje 3?

a)

rolgewricht

b)

scharniergewricht

c)

kogelgewricht

11.

Tussen het dijbeen en scheenbeen zit een...

a)

kogelgewricht

b)

rolgewricht

c)

scharniergewricht

12.

Tussen de vingerkootjes zit een ....

a)

rolgewricht

b)

kogelgewricht

c)

scharniergewricht

13.

Tussen het schouderblad en opperarmbeen zit een ....

a)

rolgewricht

b)

kogelgewricht

c)

scharniergewricht

14.

Tussen het heupbeen en dijbeen zit een ....

a)

rolgewricht

b)

kogelgewricht

c)

scharniergewricht

15.

Tussen de ellepijp en het spaakbeen zit een ....

a)

rolgewricht

b)

kogelgewricht

c)

scharniergewricht

16.

Alle spieren bij elkaar worden .... genoemd.

a)

de spiervezels

b)

de spierbundels

c)

het spierstelsel

d)

de spiercellen

17.

Spieren kunnen samentrekken en ontspannen.

a)

juist

b)

onjuist

18.

Pezen kunnen samentrekken en ontspannen.

a)

juist

b)

onjuist

19.

Een samengetrokken spier is ...

a)

lang en dun

b)

kort en dun

c)

kort en dik

d)

lang en dik

20.

Een ontspannen spier is ...

a)

lang en dun

b)

kort en dun

c)

kort en dik

d)

lang en dik

21.

Een antagonist is ...

a)

een bot tussen je spieren

b)

twee spieren die samen zorgen voor het maken van een beweging

c)

een spier die een beweging maakt

22.

Een voorbeeld van een antagonist is ...

a)

dijbeen en scheenbeen

b)

buikspier en rugspier

c)

nekspieren

d)

vingerkootjes

23.

Een ander voorbeeld van een antagonist is ...

a)

dijbeen en scheenbeen

b)

voorste dijspier en kuitspier

c)

armbuigspier en armstrekspier

d)

opperarmbeen en ellepijp

24.

Een blessure is ....

a)

jezelf pijn doen

b)

een beschadiging aan een bot of spier

c)

een warming up

d)

heel vervelend

25.

Waarom doe je een warming up?

a)

om blessures te voorkomen

b)

om lekker te gaan zweten

c)

om je botten op te rekken

d)

om je lichaam af te laten koelen

26.

Wat is het voordeel van een warming up?

a)

om je spieren op te warmen

b)

om lekker te gaan zweten

c)

om je botten op te rekken

d)

om je botten soepel te maken

27.

Wat is het voordeel van een cooling-down?

a)

om je pezen op te warmen

b)

om lekker te gaan zweten

c)

om je botten op te rekken

d)

om afvalstoffen af te voeren uit je spieren

28.

Welke blessure is er afgebeeld?

a)

een verzwikking

b)

een spierscheuring

c)

een ontwrichting

d)

een fractuur

29.

Welke blessure is er afgebeeld?

a)

een verzwikking

b)

een spierscheuring

c)

een ontwrichting

d)

een fractuur

30.

Welke blessure is er afgebeeld?

a)

een verzwikking

b)

een spierscheuring

c)

een ontwrichting

d)

een fractuur

31.

Bij een zweepslag ...

a)

is de aanhechtings-plaats van de elleboogspier ontstoken

b)

is er een scheurtje ontstaan in de kuitspier

c)

is de meniscus gescheurd

d)

is een spier overbelast

32.

Bij een tennisarm ...

a)

is de aanhechtings-plaats van de elleboogspier ontstoken

b)

is er een scheurtje ontstaan in de kuitspier

c)

is de meniscus gescheurd

d)

is een spier overbelast

33.

Bij een voetbalknie ...

a)

is de aanhechtings-plaats van de elleboogspier ontstoken

b)

is er een scheurtje ontstaan in de kuitspier

c)

is de meniscus gescheurd

d)

is een spier overbelast

34.

Bij een spierpijn ...

a)

is de aanhechtings-plaats van de elleboogspier ontstoken

b)

is er een scheurtje ontstaan in de kuitspier

c)

is de meniscus gescheurd

d)

is een spier overbelast

35.

Wat is de beste behandeling bij een botbreuk?

a)

de plek koelen met ijs

b)

extra oefeningen doen

c)

een gipsverband aanleggen

d)

het bot weer terug in de kom zetten

36.

Wat is de beste behandeling bij een ontwrichting?

a)

de plek koelen met ijs

b)

extra oefeningen doen

c)

een gipsverband aanleggen

d)

het bot weer terug in de kom zetten

37.

Wat is de beste behandeling bij een verzwikking?

a)

de plek koelen met ijs

b)

extra oefeningen doen

c)

een gipsverband aanleggen

d)

het bot weer terug in de kom zetten

38.

Bekijk de afbeelding goed. In de afbeelding zie je een arm met 2 spieren afgebeeld.

Welke spier is samengetrokken?

a)

de biceps

b)

de triceps

39.

Bekijk de afbeelding goed. In de afbeelding zie je een arm met 2 spieren afgebeeld.

Welke spier is ontspannen?

a)

de biceps

b)

de triceps

40.

Bekijk de afbeelding goed. In de afbeelding zie je een arm met 2 spieren afgebeeld.

Als de triceps gaan samentrekken dan gaat de arm zich .... ?

a)

buigen

b)

strekken