wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

duits - v3 - kap1 - llnd

Total questions: 91

Worksheet time: 46mins

Name
Class
Date
1.

de berg

(a)  

2.

de bergen

(a)  

3.

het bos

(a)  

4.

de bossen

(a)  

5.

de lucht

(a)  

6.

het meer

(a)  

7.

de mist

(a)  

8.

de plaats

(a)  

9.

de plaatsen

(a)  

10.

de regen

(a)  

11.

de rivier

(a)  

12.

de rivieren

(a)  

13.

de sneeuw

(a)  

14.

het verkeer

(a)  

15.

de wind

(a)  

16.

het eiland

(a)  

17.

de natuur

(a)  

18.

de omgeving

(a)  

19.

de streek

(a)  

20.

de wolk

(a)  

21.

de zon

(a)  

22.

het dal

(a)  

23.

de dalen

(a)  

24.

het dorp

(a)  

25.

de dorpen

(a)  

26.

de ijzel

(a)  

27.

het onweer

(a)  

28.

het weer

(a)  

29.

de zee

(a)  

30.

in januari

(a)  

31.

in februari

(a)  

32.

in maart

(a)  

33.

in april

(a)  

34.

in mei

(a)  

35.

in juni

(a)  

36.

in juli

(a)  

37.

in augustus

(a)  

38.

in september

(a)  

39.

in oktober

(a)  

40.

in november

(a)  

41.

in december

(a)  

42.

op het platteland

(a)  

43.

in de herfst

(a)  

44.

in de lente

(a)  

45.

in de winter

(a)  

46.

in de zomer

(a)  

47.

in het noorden

(a)  

48.

in het oosten

(a)  

49.

in het westen

(a)  

50.

in het zuiden

(a)  

51.

het hagelt

(a)  

52.

het regent

(a)  

53.

het vriest

(a)  

54.

het sneeuwt

(a)  

55.

het waait

(a)  

56.

de zon schijnt

(a)  

57.

er is, er zijn

(a)  

58.

kamperen

(a)  

59.

wandelen

(a)  

60.

barbecueën

(a)  

61.

druk, hectisch

(a)  

62.

glad

(a)  

63.

koud

(a)  

64.

kouder

(a)  

65.

meer

(a)  

66.

meestal

(a)  

67.

minder

(a)  

68.

rustig

(a)  

69.

stijl

(a)  

70.

vlak

(a)  

71.

warm

(a)  

72.

warmer

(a)  

73.

het strand

(a)  

74.

de stad

(a)  

75.

de steden

(a)  

76.

het land

(a)  

77.

de landen

(a)  

78.

blijven

(a)  

79.

gebleven

(a)  

80.

voetballen

(a)  

81.

zien

(a)  

82.

gezien

(a)  

83.

’s avonds

(a)  

84.

’s middags

(a)  

85.

altijd

(a)  

86.

vaak

(a)  

87.

vanmorgen

(a)  

88.

goed

(a)  

89.

beter

(a)  

90.

heet

(a)  

91.

saai

(a)