wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Oefening 1.1 + 1.2 WOI - Klas 3

Total questions: 15

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Wat was de aanleiding van de Eerste Wereldoorlog?

a)

Nationalisme

b)

Militairisme

c)

Zelfoverschatting van landen

d)

De moord op de aartshertog van Oostenrijk-Hongarije en zijn vrouw

2.

Welk van de volgende landen was de gehele Eerste Wereldoorlog neutraal?

a)

België

b)

Frankrijk

c)

Verenigd Koninkrijk

d)

Nederland

3.

Wat gebeurde er niet in 1917?

a)

De revolutie breekt uit in Rusland

b)

Wapenstilstand

c)

Amerika voegt zich bij de geallieerden

d)

Duitsland torpedeert een Amerikaans schip

4.

Waarom waren bondgenootschappen een oorzaak van de Eerste Wereldoorlog?

a)

Door bondgenootschappen ontstond er veel nationalisme

b)

Door bondgenootschappen kon een klein conflict uitgroeien tot een oorlog

c)

Door bondgenootschappen ontstond er een race om koloniën

d)

Door bondgenootschappen ontstond het militarisme

5.

Dit land werd als eerste de oorlog verklaart na de dood van Aartshertog Frans Ferdinand

6.
Question Image

Match het begrip met het juiste voorbeeld

Modern-imperialisme

"Oranje is kampioen!!!"

Wapenwedloop

Je land "Groot-Brittannië" noemen

Militarisme

Du maakte grotere schepen dan GB

Nationalisme

"Alleen in het leger wordt je een man!"

Loopgravenoorlog

aanvallen over niemandsland

7.

In welk jaar begon de Eerste Wereldoorlog?

a)

1900

b)

1914

c)

1910

d)

1915

8.

Wanneer werd de wapenstilstand getekend tussen de Geallieerden en Centralen?

a)

11 november 1918

b)

25 december 1918

c)

1 januari 1919

d)

30 april 1919

9.

Welke oorzaak van de Eerste Wereldoorlog zie je op de afbeelding?

a)

Bondgenootschappen

b)

Wapenwedloop

c)

Nationalisme

d)

Modern Imperialisme

10.

Welke oorzaak van de Eerste Wereldoorlog zie je op de afbeelding?

a)

Bondgenootschappen

b)

Wapenwedloop

c)

Nationalisme

d)

Modern Imperialisme

11.

Een politieke stroming die streeft naar een samenleving waarin iedereen ongeveer evenveel macht én bezit heeft = ...

a)

Communisme

b)

Fascisme

c)

Liberalisme

d)

Nationalisme

12.

De Russische Revolutie begint en eindigt in 1917

a)

Waar

b)

Niet waar

13.

Past het begrip kun je in verband brengen met de bron?

a)

Propaganda

b)

Bondgenootschappen

c)

Liberalisme

d)

Vrede van Brest-Litowsk

14.

Sleep de onderdelen van deze Franse spotprent naar de juiste plek op de bron.

15.

Zet de volgende gebeurtenissen in chronologische volgorde. Start met de gebeurtenis die het verste in het verleden ligt.

a)

Duitsland wint de Frans-Duitse Oorlog

b)

De Geallieerden worden opgericht

c)

Het neutrale België wordt aangevallen

d)

De Slag om de Somme vind plaats

e)

De Vrede van Brest-Litovsk wordt gesloten

1)
2)
3)
4)
5)