wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Verbranding en ademhaling

Total questions: 48

Worksheet time: 3hrs 38mins

Name
Class
Date
1.
Welk gas heb ik nodig bij verbranding?
a)
koolstodioxide
b)
zuurtsof
c)
stikstof
d)
geen van de 3 genoemde
2.
Wat is bij deze verbranding de brandstof?
a)
de vlam
b)
het kaarsvet
c)
de zuurstof 
3.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
4.
Waarom gaat het vlammetje van de kaars uit?
a)
De koolstofdioxide in het potje raakt op
b)
De zuurstof in het potje raakt op
c)
Het lontje is te kort
d)
Het kaarsvet raakt op
5.
Wat is een indicator?
a)
Een stof waar iets inzit
b)
Een orgaan
c)
Een stof waarmee ik een andere stof aantoon
d)
Een stof waarmee ik een andere stof weg krijg
6.

Wat kan ik aantonen met helder kalkwater?

a)

zuurstof

b)

stikstof

c)

koolstodioxide

d)

helium

7.
Wat gebeurt er met het helder kalkwater tijdens dit proefje?
a)
het kalkwater verdwijnt
b)
het kalkwater gaat stinken
c)
het kalkwater doet niks
d)
het kalkwater wordt troebel
8.
Wat heb ik aangetoond met dit proefje?
a)
..dat er zuurstof vrijkomt bij verbranding
b)
...dat er stikstof vrijkomt bij verbranding
c)
....dat er koolstofdioxide vrijkomt bij verbranding
d)
..ik heb niks aangetoond
9.
Bij de mens wordt suiker (glucose) verbrand>
Welke vorm van energie komt er dan vrij
a)
Warmte en beweging
b)
warmte en licht
c)
licht en beweging
d)
alleen beweging
10.
Wat is waar?
a)
In uitgeademde lucht zit meer zuurstof dan ingeademde lucht
b)
in ingeademde lucht zit meer koolstofdioxide dan uitgeademde lucht
c)
In ingeademde lucht zit meer zuurstof dan uitgeademde lucht
d)
In ingeademde lucht zit evenveel zuurstof als uitgeademde lucht
11.
Wat is niet waar?
a)
Als ik ga bewegen gaat het hart sneller kloppen
b)
Als ik ga bewegen gaat mijn ademhaling sneller
c)
Als ik ga bewegen heb ik meer koolstofdioxide nodig
d)
Als ik ga bewegen heb ik meer zuurstof nodig
12.
Welke weg ,legt de ingeademde lucht af in het ademhalingsstelsel?Wat is het juiste antwoord?
a)
Neusholte-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp-bronchie
b)
neusholte-bronchie-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp
c)
neusholte-keelholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
d)
keelholte-neusholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
13.
Wat is juist?
a)
De huig sluit de luchtpijp af
b)
Het strotklepje sluit de luchtpijp af
c)
De huig sluit de neusholte en de luchtpijp af
d)
Het strotklepje sluit de neusholte en luchtpijp af
14.
Het is beter om door je neus in te ademen omdat.....
a)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën en warm en droger wordt
b)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën, kouder en vochtiger wordt
c)
De lucht hierdoor warmer ,vochtiger en geroken wordt
d)
De lucht hierdoor gezuiverd,droger en kouder wordt
15.

medicijnen voor astma helpen om de spiertjes om de luchtpijptakjes aan te spannen

a)

waar

b)

niet waar

16.

Gaswisseling kan snel plaats vinden in de longblaasjes omdat?

a)

ze een heel groot oppervlakte samen hebben

b)

ze een dikke wand hebben

c)

ze makkelijk glucose kunnen uitwisselen

d)

ze makkelijk water kunnen uitwisselen

17.

Het precentage stikstof wat je in en uitademt is gelijk

a)

waar

b)

niet waar

18.

Welk nummer stelt de huig voor?

a)

1

b)

10

c)

2

d)

8

19.

Wat is de stand van de huig en strottenklep bij inademen?

a)

open, open

b)

dicht,open

c)

open, dicht

d)

beide dicht beide dicht

20.

Wat is de indicator voor CO2

a)

kalkwater

b)

jodium

c)

helder kalkwater

d)

Fehling A en B

21.

Ademhaling en celademhaling is hetzelfde.

a)

Waar

b)

Niet waar

22.

Uitlaatgassen van een auto zijn hetzelfde als verbrandingsproducten.

a)

Waar

b)

Niet waar

23.

Warmte is geen voorbeeld van energie.

a)

Waar

b)

Niet waar

24.

Lucht bestaat alleen maar uit zuurstof of koolstofdioxide.

a)

Waar

b)

Niet waar

25.

Alleen dieren en mensen ademen.

a)

Waar

b)

Niet waar

26.

Lucht kan zowel ingeademd worden via de neus als de mond.

a)

Waar

b)

Niet waar

27.

Lucht adem je in en uit, zonder dat er iets met de lucht gebeurt.

a)

Waar

b)

Niet waar

28.

Luchtbuizen verbinden het hart met de longen.

a)

Waar

b)

Niet waar

29.

Uitgeademde lucht bevat veel koolstofdioxide en weinig zuurstof.

a)

Waar

b)

Niet waar

30.

Bij verbranding komen afvalstoffen vrij. Dit zijn:

a)

water en zuurstof

b)

zuurstof en koolstofdioxide

c)

koolstofdioxide en suiker

d)

water en koolstofdioxide

31.

Bij verbranding zijn stoffen nodig om iets te kunnen laten branden. Dit zijn:

a)

brandstof en water

b)

water en koolstofdioxide

c)

koolstofdioxide en zuurstof

d)

zuurstof en brandstof

32.

Verbranding gebeurt niet voor niets. Er ontstaat energie. Welke vormen van energie kunnen er ontstaan bij verbranding?

a)

beweging, warmte en vuur

b)

warmte, vuur en licht

c)

beweging, warmte en licht

d)

warmte, wind en licht

33.

Je ziet hier een afbeelding van het ademhalingsstelsel. Nummer 3 is:

a)

de huig

b)

het strottenhoofd

c)

de luchtpijp

d)

de schildklier

34.

Je ziet hier een afbeelding van het ademhalingsstelsel. De naam van nummer 11 is:

a)

de long

b)

de bronchie

c)

de luchtpijp

d)

de longblaasjes

35.

Je ziet hier een tekening van een longblaasje. Bevindt zich bij letter P veel zuurstof?

a)

ja

b)

nee

36.

Als een bergbeklimmer in de bergen boven de 4000 m/5000 m hoogte komt, kan hij zuurstof tekort krijgen, de lucht is ijl, er zit minder zuurstof in de lucht. Het is ook kouder. Hij zal dan .... gaan ademhalen.

a)

hetzelfde

b)

rustiger

c)

sneller

37.

Je ziet hier een tekening van een longblaasje. Bevindt zich bij letter P veel koolstofdioxide?

a)

ja

b)

nee

38.

Je ziet hier een tekening van een longblaasje. Bevindt zich bij letter S veel koolstofdioxide?

a)

ja

b)

nee

39.

Je ziet hier een tekening van een longblaasje. Bevindt zich bij letter S veel zuurstof?

a)

ja

b)

nee

40.

Ingeademde lucht is .... uitgeademde lucht.

a)

kouder dan

b)

warmer dan

c)

gelijk aan de temperatuur van

41.

Uitgeademde lucht is .... ingeademde lucht.

a)

kouder dan

b)

warmer dan

c)

gelijk aan de temperatuur van

42.

Bij inademen worden de longen gevuld met lucht. Inademen komt tot stand doordat ...

a)

de tussen ribspieren zich aanspannen en het middenrif zich aanspant

b)

de tussenribspieren zich aanspannen en het midden rif zich ontstpant

c)

de tussenribspieren zich ontspannen en het middenrif zich aanspant

d)

de tussenribspieren zich ontspannen en het midden rif zich ontspant

43.

Bij uitademen legen de longen zich, de lucht wordt uitgeblazen. Uitademen komt tot stand doordat ...

a)

de tussen ribspieren zich aanspannen en het middenrif zich aanspant

b)

de tussenribspieren zich aanspannen en het midden rif zich ontstpant

c)

de tussenribspieren zich ontspannen en het middenrif zich aanspant

d)

de tussenribspieren zich ontspannen en het midden rif zich ontspant

44.

Het kaarsje kan branden omdat er ...

a)

voldoende zuurstof is en voldoende brandstof is

b)

voldoende brandstof is en voldoende koolstofdioxide is

c)

voldoende koolstofdioxide is en voldoende water

d)

voldoende lucht is en voldoende brandstof

45.

Het kaarsje is gestopt met branden omdat er ...

a)

te weinig zuurstof is en voldoende brandstof is

b)

voldoende brandstof is en voldoende koolstofdioxide is

c)

voldoende koolstofdioxide is en voldoende water

d)

te weinig brandstof is en voldoende water

46.

Bij verbranding van een kaarsje ontstaat ...

a)

koolstofdioxide en zuurstof

b)

koolstofdioxide en waterdamp

c)

waterdamp en zuurstof

47.

Roken is niet goed voor je lichaam. Er kan heel veel schade optreden aan bijvoorbeeld je longen. De schade aan je longen wordt veroorzaakt door ...

a)

nicotine

b)

teerdruppeltjes

c)

koolstofmonoxide

d)

koolstofdioxide

48.

Roken is niet goed voor je lichaam. Er kan heel veel schade optreden aan bijvoorbeeld je longen. Je conditie kan ook achteruit gaan, dit wordt veroorzaakt door..

a)

nicotine

b)

teerdruppeltjes

c)

koolstofmonoxide

d)

de combinatie van nicotine, teerdruppeltjes en koolstofmonoxide