wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

V4 H3 en H4 DNA & Erfelijkheid Reproductie

Total questions: 15

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Selecteer onderdelen van DNA. Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.

a)

Stikstofbase

b)

Fosfolipide

c)

Fosfaatgroep

d)

Fosfor

2.

Een ... is een versie van een gen.

(a)  

3.

Bij ... wordt met genen van beide ouders een nieuw individu gevormd. Dit vindt alleen plaats bij geslachtelijke voortplanting.

(a)  

4.

Bij mitose worden van een 2n cel twee ... cellen gemaakt.

(a)  

5.

De vorm van DNA wordt vaak versimpeld weergegeven zoals in de afbeelding. Hoe wordt de vorm van DNA genoemd?

a)

DNA helix

b)

RNA helix

c)

Dubbele helix

d)

Enkele helix

6.

Er zijn meerdere antwoorden goed. De meeste cellen van mensen zijn ...

a)

Haploïd

b)

Diploïd

c)

2n

d)

n

7.

Wat bepaalt welke basen een complementair basenkoppel vormen?

a)

Waterstofbruggen

b)

Atomaire bindingen

c)

Vanderwaalskrachten

d)

Zwaartekracht

8.

Wat bepaalt of een uiteinde van een DNA-streng een 5' of 3' einde is?

a)

De oriëntatie de fosfaatgroep

b)

De oriëntatie van de stikstofbase

c)

De oriëntatie van de suikergroep

9.

DNA wordt gewikkeld om eiwitten heen. Deze eiwitten zijn ...

a)

Centriolen

b)

Centrosomen

c)

Histonen

d)

Chromosomen

10.

Er zijn meerdere antwoorden mogelijk. Een karyogram kan worden gebruikt om ...

a)

... genoommutaties te zien.

b)

... puntmutaties te zien.

c)

... geslacht te bepalen.

d)

... haarkleur te bepalen.

11.

Er zijn meerdere antwoorden mogelijk. Meiose I verschilt van mitose in de ...

a)

Interfase

b)

Profase

c)

Metafase

d)

Anafase

12.

Iemand met genotype AA, wordt ... genoemd.

a)

Heterozygoot

b)

Homozygoot dominant

c)

Homozygoot recessief

13.

Van de individuen uit F2 zijn de individuen uit P1 ...

a)

broers en zussen.

b)

moeders en vaders.

c)

opa's en oma's.

d)

overgrootvaders en overgrootmoeders.

14.

Wat is de definitie van een monohybride X-chromosomale kruising?

a)

De kruising betreft twee genen op het X-chromosoom.

b)

De kruising betreft twee genen op een autosoom.

c)

De kruising betreft één gen op het X-chromosoom.

d)

De kruising betreft één gen op een autosoom.

15.

Bekijk de afbeelding. Is de witte vachtkleur dominant of recessief? En wordt de witte vachtkleur X-chromosomaal of autosomaal overgeërfd?

a)

Dominant, X-chromosomaal

b)

Dominant, autosomaal

c)

Recessief, X-chromosomaal

d)

Recessief, autosomaal