wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

T4 | BS 4.5 | MAX - editie | De bloedsomloop

Total questions: 12

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Welk orgaan zuivert het bloed?

a)

hart

b)

dunne darm

c)

long

d)

nier

2.

Wat gebeurt er met de afvalstoffen die door de nieren uit het bloed zijn gehaald?

a)

de afvalstoffen worden opgeslagen

b)

de afvalstoffen worden opgenomen in het bloed

c)

de afvalstoffen worden uitgescheiden

3.

Door welk bloedvat stroomt bloed met weinig afvalstoffen weg van de nieren?


a)
  • aorta

b)
  • nierader

c)
  • nierslagader

d)
  • onderste holle ader

4.

Welke twee stoffen zijn bestanddelen van urine?

a)

afvalstoffen

b)

bouwstoffen

c)

voedingsstoffen

d)

water

5.

Als er veel urine is gevormd moet je plassen.

Door welk deel gaat de urine uit je lichaam?

a)

nieren

b)

urineblaas

c)

urinebuis

d)

urineleider

6.

Afvalstoffen zorgen voor een donkere kleur van urine.

Welke kleur heeft je urine als je weinig water hebt gedronken?

a)

licht van kleur

b)

donker van kleur

7.

Wat is de functie van de nieren?

a)

bloed rondpompen

b)

bloed zuiveren

c)

koolstofdioxide afgeven aan de lucht

8.

Wat is een voorbeeld van uitscheiding?

a)

stoffen worden opgenomen in het bloed

b)

stoffen worden opgeslagen

c)

stoffen worden uitgeplast

9.

Door welk bloedvat stroomt bloed met veel afvalstoffen naar de nieren?

a)

aorta

b)

nierader

c)

nierslagader

d)

onderste holle ader

10.

Welke stof wordt de nieren uit het bloed gehaald?

a)

bloed

b)

voedingsstoffen

c)

reservestoffen

d)

schadelijke stoffen

11.

Welke twee delen vervoeren bloed naar en van de nieren?

a)

nierader

b)

nierslagader

c)

urinebuis

d)

urineleider

12.

Afvalstoffen zorgen voor een donkere kleur van urine.

Welke kleur heeft je urine als je veel water hebt gedronken?

a)

licht van kleur

b)

donder van kleur