WorksheetsWoordenschat 1.3
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
Name
Class
Date
1.
the address
a)
het adres
b)
het e-mailadres
c)
geboren
d)
helpen
2.
April
a)
mobiel
b)
uw
c)
op
d)
april
3.
the email address
a)
het e-mailadres
b)
het adres
c)
het formulier
d)
de woonplaats
4.
the form
a)
geboren
b)
het adres
c)
helpen
d)
het formulier
5.
the date of birth
a)
de gemeente
b)
de woonplaats
c)
geboren
d)
de geboortedatum
6.
born
a)
helpen
b)
kunnen
c)
de man
d)
geboren
7.
the municipality
a)
de postcode
b)
de gemeente
c)
het gemeentehuis
d)
de man
8.
the town hall
a)
het e-mailadres
b)
het gemeentehuis
c)
de gemeente
d)
het adres
9.
good morning
a)
goedemorgen - goeiemorgen
b)
de postcode
c)
het formulier
d)
de gemeente
10.
to help
a)
kunnen
b)
helpen
c)
zullen
d)
geboren
11.
to fill in
a)
helpen
b)
kunnen
c)
invullen
d)
zullen
12.
can
a)
uw
b)
helpen
c)
zullen
d)
kunnen
13.
the man
a)
de man
b)
de vrouw
c)
zullen
d)
helpen
14.
the woman
a)
de vrouw
b)
uw
c)
de man
d)
nieuw
15.
sir
a)
meneer, mijnheer (M.)
b)
de gemeente
c)
het gemeentehuis
d)
de geboortedatum
16.
mobile
a)
april
b)
geboren
c)
mobiel
d)
zullen
17.
the nationality
a)
de woonplaats
b)
de gemeente
c)
de nationaliteit
d)
de man
18.
new
a)
uw
b)
nieuw
c)
mobiel
d)
u
19.
at
a)
u
b)
op
c)
uw
d)
april
20.
the postcode
a)
de vrouw
b)
de man
c)
de postcode
d)
de gemeente
100 %
