wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

1TH H3.4 - H3.5

Total questions: 11

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.
De korte waterkringloop is...
a)
De kringloop van de zee naar de bomen
b)
De kringloop van de zee naar bron van de rivier
c)
De kringloop van de rivier naar de bomen
d)
De kringloop boven de zee
2.
Welke kringloop is dit?
a)
korte waterkringloop
b)
lange waterkringloop
c)
stikstofkringloop
d)
korte en lange waterkringloop
3.

Wat verstaan we onder een stijgingsregen ?

a)

warme lucht die tegen koude lucht opstijgt waardoor het gaat regenen

b)

regen die door opstijgende warme lucht ontstaat

c)

wolken die langs een berg komen en moeten stijgen

4.

De foto is een voorbeeld van...

a)

stijgingsneerslag

b)

stuwingsneerslag

c)

frontale neerslag

5.

Aan de ....?.... van een gebergte ontstaat ...?......

a)

Loefzijde, stuwingsneerslag

b)

Loefzijde, stijgingsneerslag

c)

Lijzijde, stuwingsneerslag

d)

Lijzijde, stijgingsneerslag

6.

Wat is een aanlandige wind voor Nederland?

a)

westenwind

b)

oostenwind

c)

zuidoostelijke wind

d)

noordoostelijkewind

7.

Waar is het in de zomer warmer. In Amsterdam of in Saratov.

a)

Saratov

b)

Amsterdam

8.

Waar is het in de winter warmer?

In Amsterdam of in Saratov.

a)

Saratov

b)

Amsterdam

9.

Van welke kant komt de wind als je in Nederland kunt schaatsen?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Westen

d)

Zuiden

10.

Van welke kant komt de wind als we in Nederland een hitte golf hebben en het ontzettend droog is?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Westen

d)

Zuiden

11.
Welke uitspraak over aan- en aflandige winden is waar?
a)
Aanlandige wind geeft droogte.
b)
Aanlandige wind geeft meestal neerslag. 
c)
Aanlandige wind zorgt in de zomer voor warme zeewind.
d)
Aflandige wind zorgt in de zomer voor koude lucht vanaf land.