wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Functies en competenties

Total questions: 20

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Als filiaalhouder werk je wel zelfstandig maar ben je wel in (a)   bij een grootwinkelbedrijf of een keten.

2.

Een afdelingshoofd is verantwoordelijk voor een bepaalde (a)   van een bedrijf of winkel.

3.

Welke competentie is een "soft skill"?

a)

taken

b)

kennis

c)

vaardigheden

d)

attitude

4.

Attitude is afhankelijk van de (a)   , waarden, persoonlijke drijfveren, en motivatie van een persoon.

5.

Wat is een kenmerk van een zelfstandig ondernemer?

a)

Werkt in loondienst bij een grootwinkelbedrijf

b)

Start een eigen onderneming met eigen kapitaal

c)

Heeft geen verantwoordelijkheid over de winkel maar wel over het personeel

d)

Is verantwoordelijke voor de winkel maar geen eigenaar

6.

Heftruckchauffeur behoort tot de knelpuntberoepen 2024 volgens de VDAB

a)

Waar

b)

Niet waar

7.

Duid de soort competentie aan: “Deze winkelmedewerker is heel klantvriendelijk”

a)

kennis

b)

vaardigheid

c)

attitude

8.

De term knelpuntberoep wordt door de VDAB gehanteerd om beroepen aan te duiden waarvoor het moeilijk is (a)   te vervullen.

9.

Wat betekent een kwantitatief tekort aan werknemers?

a)

Er zijn te veel kandidaten voor een bepaalde functie

b)

Er zijn te weinig studenten die kiezen voor een bepaalde richting

c)

Er zijn niet genoeg geschikte kandidaten voor beschikbare functies

10.

Een kwantitatief tekort aan werknemers ontstaat wanneer er te weinig (a)   is uit het onderwijs.

11.

Welke attitude is essentieel voor een succesvolle winkelverkoper?

a)

Productkennis

b)

Klantgerichtheid

c)

Kassasysteem goed kunnen bedienen

d)

Rekken efficiënt vullen

12.

Vaardigheden stellen je in staat om (a)   toe te passen in de praktijk.

13.

Duid de soort competentie aan: “De magazijnmedewerker telt de goederen bij de inventaris erg nauwkeurig.”

a)

kennis

b)

vaardigheid

c)

attitude

14.

Kwalitatief tekort aan werknemers = er zijn voldoende kandidaten, maar ze beschikken niet over de specifieke (a)   en/of ervaring om deze job naar behoren te vervullen.

15.

Duid de soort competentie aan: “Een transportplanner kan nog steeds efficiënt plannen onder druk”

a)

kennis

b)

vaardigheid

c)

attitude

16.

Een zelfstandig ondernemer zal proberen (a)   te maken.

17.

Duid de soort competentie aan: “Als vrachtwagenchauffeur ben je met al die files beter maar stressbestendig”

a)

kennis

b)

vaardigheid

c)

attitude

18.

Een filiaalhouder zorgt voor de dagelijkse (a)   van de winkel.

19.

Duid de soort competentie aan: “Een magazijnier moet behendig zijn met de heftruck.”

a)

kennis

b)

vaardigheid

c)

attitude

20.

Duid de soort competentie aan: “Die magazijnier wil steeds doorwerken en is erg zelfstandig”

a)

kennis

b)

vaardigheid

c)

attitude