wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

V5 H4 Gebieden Zuid-Amerika

Total questions: 34

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

De ITCZ ligt in december ten noorden van de evenaar

a)

Waar

b)

Onwaar

2.

De ITCZ staat in juli ten noorden van de evenaar

a)

Waar

b)

Onwaar

3.

Het noordoosten van Brazilië kent een steppeklimaat. Dit komt doordat:

a)

Het gebied aan de loefzijde van de Serra do Mar ligt

b)

Het gebied aan de lijzijde van de Serra do Mar ligt

c)

Het gebied geen aanlandige wind kent

d)

Het gebied niet onder de invloed staat van de ITCZ

4.

Het tropisch regenwoud vind je in Brazilië vooral in:

a)

Het oosten

b)

Het westen

c)

Het zuiden

d)

Het noorden

5.

Dit gebied ligt aan de Atlantische kust, is dicht tropisch bos en heeft zich aangepast aan het zoute water. Wortels van bomen steken boven de grond uit. Dit is:

a)

Tropisch regenwoud

b)

Atlantisch regenwoud

c)

Mangrove

d)

Pantanal

6.

Ander woord voor tropisch regenwoud in het Portugees:

a)

Selva

b)

Pantanal

c)

Cerrado

d)

Caatinga

7.
Bio-ethanol wordt gebruikt als brandstof, gemaakt van....
a)
Fossiele brandstof
b)
Graan
c)
Olie
d)
Suikerriet
8.

Brazilië haalt de stroom voornamelijk uit:

a)

Waterkrachtcentrales

b)

Windmolens

c)

Zonneparken

d)

Fossiele brandstoffen

9.
BRICS-landen:De letter i staat voor?
a)
Indonesië
b)
Israël
c)
India
10.

Wat is een ander woord voor landroof?

a)

Landjepik

b)

Stratego

c)

Landgrabbing

d)

Landgetting

11.

Welk probleem is er in Brazilie met de aardolie velden?

a)

Vele zijn moeilijk bereikbaar

b)

Ze liggen in dichtbevolkte gebieden

c)

Ze liggen in de Amazone

12.
Steenkool, aardgas en aardolie zijn.......brandstoffen.
a)
Natuurlijk
b)
Groene
c)
Oneindige
d)
Fossiele
13.

Wat is geen nadeel van een stuwdam?

a)

De levering van energie is ongelijk

b)

Akkers en dorpen lopen onder water

c)

Vissen kunnen geen gebruik meer maken van de rivier

d)

Handel over de rivier wordt bemoeilijkt

14.

Bekijk de bron: Welke factor heeft veel invloed op het Af Klimaatgebied?

a)

Relief

b)

Geografische ligging

c)

Zeestroom

d)

Invloed van de ITCZ

15.

Bekijk de bron: Welke factor heeft veel invloed op het BS en BW klimaatgebied?

a)

Relief

b)

Geografische ligging

c)

Zeestroom

d)

Invloed van de ITCZ

16.

Bekijk de bron: Welke factor heeft veel invloed op het Aw en het Am klimaatgebied?

a)

Relief

b)

Geografische ligging

c)

Zeestroom

d)

Invloed van de ITCZ

17.
Houtsnippers, frituurvet, mest en plantenresten zijn voorbeelden van
a)
Biomassa
b)
Aardwarmte
c)
Fossielen
d)
Groene energie
18.

Delfstof waaruit metalen en/of mineralen gewonnen kunnen worden.

(a)  

19.

Buitenlandse en binnenlandse bedrijven kopen in een land enorme stukken land op om er grootschalige landbouwbedrijven te beginnen.

(a)  

20.

De samenstelling van de ingevoerde en uitgevoerde producten.

(a)  

21.

De winning van delfstoffen aan of vlak bij het aardoppervlak.

(a)  

22.

Afkorting voor landen die een snelle economische groei kenden tussen 2000-2012.

(a)  

23.

Investeringen door buitenlandse bedrijven.

(a)  

24.

Het geschikt maken van een stuk land voor andere activiteiten, zoals land- of mijnbouw.

(a)  

25.

Wat is een nadeel van het gebruik van bio-ethanol als brandstof in Brazilië?

a)

Minder CO2-uitstoot

b)

Minder werkgelegenheid

c)

Minder economische groei

d)

Ontbossing

26.

Wat is de functie van mangroven in Brazilië?

a)

Bescherming tegen aardbevingen

b)

Bescherming tegen bosbranden

c)

Bescherming tegen overstromingen

d)

Bescherming tegen aardverschuivingen

27.

Wat is een geschikt afdekkingsgesteente voor aardgas?

a)

kalksteen

b)

zandsteen

c)

zoutsteen

28.

Unie van Zuid-Amerikaanse naties op politiek en economisch vlak.

(a)  

29.

Voortdurende verandering in een ecosysteem.

(a)  

30.

Verdiepingen in een tropisch regenwoud die zich onderscheiden door het type begroeiing, luchtvochtigheid, hoeveelheid zonlicht en soorten levensvormen.

(a)  

31.

Een ruimtelijk systeem waarin levende en niet-levende elementen op natuurlijke wijze met elkaar in evenwicht en verbonden zijn.

(a)  

32.

Het vermogen van een ecosysteem om mensen, dieren en planten blijvend te kunnen voorzien in hun levensbehoeften.

(a)  

33.

De continue verplaatsing van koolstof tussen de atmosfeer, hydrosfeer, biosfeer en lithosfeer.

(a)  

34.

Waardoor stijgt de vraag naar energie in Brazilie?

a)

Door de bevolkingsgroei

b)

Door de politieke omstandigheden

c)

Door de economische groei

d)

Door de bouw van favela's