Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

TC B1 1.2 woorden (2)

Total questions: 32

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.
De feedback van je docent speelt een belangrijke ... bij het verbeteren van je fouten.
a)
rol
b)

taak

c)

ruimte

d)

onderdeel

2.
Ik luister naar een ... op de radio tijdens het autorijden.
a)

gastvrij

b)

God

c)

interview

d)

direct

3.
Mijn opa en oma wonen sinds kort in een ...
a)

gevangenis

b)

verzorgingshuis

c)

openbaar

d)

eenzaam

4.
Het is ... om op te staan voor zwangere vrouwen in de bus.
a)
beleefd
b)

gastvrij

c)

direct

d)

openbaar

5.
Carla kust haar man liever niet in het ...
a)

ruimte

b)

openbaar

c)

onderdeel

d)

heimwee

6.
In de kerk bidden mensen tot ...
a)
God
b)

beleefd

c)

de coach

d)

lievelings

7.
De mensen uit Oekraïne zijn voor de oorlog ...
a)

gerend

b)

eenzaam

c)

gevlucht

d)

wapen

8.
Het Nederlandse ... is plat. Er zijn geen bergen.
a)

woestijn

b)

landbouw

c)

ruimte

d)

landschap

9.
Op tv is er een interview ... een belangrijke minister over de landbouw.
a)
met
b)

van

c)

uit

d)

naar

10.
De kinderen vluchten snel naar huis ... de gevaarlijke hond.
a)

met

b)

voor

c)

aan

d)

tegen

11.
Spreken is een onderdeel ... het inburgeringsexamen.
a)

naast

b)

naar

c)

aan

d)

van

12.
Hij heeft in zijn garage geen ruimte ... een tweede auto.
a)

van

b)

voor

c)

op

d)

in

13.
De kinderen zijn beleefd ... de docent.
a)
tegen
b)

naar

c)

aan

d)

op

14.
Ik kan maar geen beslissing nemen ... het eten van vanavond.
a)

van

b)

in

c)

over

d)

om

15.
Annet vindt zoenen ... het openbaar niet gepast.
a)
in
b)

uit

c)

voor

d)

naar

16.
De kleur van mijn gordijnen speelt een belangrijke rol ... het kiezen van een nieuwe bank.
a)

voor

b)

van

c)

aan

d)

bij

17.
Nederland werd in 1648 onafhankelijk ... Spanje.
a)
van
b)

aan

c)

voor

d)

naar

18.
Als ik in het buitenland ben, heb ik altijd last van heimwee ... mijn familie en vrienden.
a)

aan

b)

naar

c)

voor

d)

tegen

19.

Ik heb een ... met de gemeente. Ik moet er om 10.00 uur zijn.

(a)  

20.

Voor de opleiding tot kapper moet je minimaal twee dagen per week ... lopen.

(a)  

21.

Mark wil volgende week een beslissing ... over zijn opleiding.

(a)  

22.

Sinds twee jaar is hij in ... bij de IKEA. Hij werkt er met veel plezier.

(a)  

23.

De klanten vinden het personeel niet gastvrij. We moeten dat ... zo snel mogelijk oplossen.

(a)  

24.

Bij welk ROC volg jij je ...?

(a)  

25.

Geef ... op deze vraag.

(a)  

26.

Het is 15 graden in de woonkamer. Ik heb het ...

(a)  

27.

Wat zie je?

(a)  

28.

Wat zie je?

(a)  

29.

Wat zie je?

(a)  

30.

Wat zie je?

(a)  

31.

Wat zie je? Deze mensen zijn...

(a)  

32.

Wat zie je? De acteurs...

(a)