wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Functioneel rekenen Deel 3

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Je hebt 12 appels en wilt ze verdelen in zakken van 4 appels per zak. Hoeveel zakken kun je maken?

a)

2

b)

3

c)

4

d)

5

2.

Je hebt €120 gespaard en wilt een fiets kopen die €180 kost. Hoeveel meer moet je sparen?

a)

€50

b)

€60

c)

€70

d)

€80

3.

Je hebt 2,4 liter sap en schenkt het in glazen van 0,3 liter. Hoeveel glazen kun je vullen?

a)

6

b)

7

c)

8

d)

9

4.

Je koopt een telefoonhoesje voor €15,99 en een screenprotector voor €6,49. Hoeveel geef je in totaal uit?

a)

€21,48

b)

€22,48

c)

€23,98

d)

€24,98

5.

Je werkt in een winkel en verdient €7,20 per uur. Als je 6,5 uur werkt, hoeveel verdien je dan?

a)

€45,60

b)

€46,80

c)

€47,20

d)

€48,40

6.

Een winkel biedt 3 snoeprepen voor €2 aan. Hoeveel betaal je voor 9 snoeprepen?

a)

€5

b)

€6

c)

€7

d)

€8

7.

Een smartphone die eerst €300 kostte, is nu met 15% korting te koop. Hoeveel kost de smartphone nu?

a)

€255

b)

€265

c)

€275

d)

€285

8.

Je helpt je ouders met huishoudelijke klusjes en krijgt €4,50 per klus. Na 7 klusjes, hoeveel heb je verdiend?

a)

€30,50

b)

€31,50

c)

€32,50

d)

€33,50

9.

Je hebt een fles frisdrank van 1,5 liter en schenkt er drie glazen van elk 250 ml mee vol. Hoeveel frisdrank heb je nog over in de fles?

a)

0,75 liter

b)

1,25 liter

c)

0,5 liter

d)

1 liter

10.

Je hebt €15 en wilt een boek kopen dat €8 kost. Hoeveel geld houd je over?

a)

€5

b)

€6

c)

€7

d)

€8