wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Recht en Informatica HC4 Quiz

Total questions: 17

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Welke rechten heeft een auteur volgens de Auteurswet?

4 lines
2.

Wat houdt de 'uitputtingsregel' in bij auteursrecht?

a)

Een auteursrecht vervalt na 20 jaar.

b)

Legaal verworven fysieke exemplaren mogen verder verspreid worden.

c)

Een auteur kan zijn auteursrecht niet overdragen.

3.

Kan met AI gemaakte software inbreuk maken op auteursrechten?

a)

Nee, omdat AI-gegenereerde software altijd origineel is.

b)

Ja, als de software gebruik maakt van beschermde trainingsdata zonder toestemming.

c)

Nee, omdat AI-gegenereerde software automatisch publieke domein is.

4.

Een website neemt zonder toestemming een artikel over van een andere website. Maakt deze website inbreuk op het auteursrecht?

a)

Nee, als het artikel meer dan vijf jaar oud is.

b)

Ja, tenzij er sprake is van citaatrecht met bronvermelding.

c)

Nee, omdat online content vrij toegankelijk is.

5.

Welke rechten heeft een auteur volgens de Auteurswet?

a)

Alleen het recht op verveelvoudiging.

b)

Het recht op openbaarmaking en verveelvoudiging.

c)

Alleen het recht op openbaarmaking.

6.

Welke van de volgende is een toegestane beperking van het auteursrecht?

a)

Onbeperkt kopiëren van software voor eigen gebruik.

b)

Citeren van een rechtmatig openbaar gemaakt werk met bronvermelding.

c)

Verveelvoudigen van een volledig boek voor persoonlijk gebruik zonder vergoeding.

7.

Je hebt een legale kopie van software gekocht. Welke van de volgende handelingen is toegestaan onder het auteursrecht?

a)

Het onbeperkt kopiëren en verspreiden van de software

b)

Het maken van een reservekopie voor eigen gebruik

c)

Het decompileren van de software om de broncode te wijzigen

8.

Tot welk van de volgende deelgebieden van het recht behoren de regels omtrent octrooi en auteursrecht?

a)

Het bestuursrecht

b)

Het privaatrecht

c)

Het strafrecht

9.

Een tijd geleden werd een softwareprogramma door een werknemer ontwikkeld tijdens werktijd. Wie heeft het auteursrecht op dit programma?

a)

De werknemer, ongeacht de omstandigheden

b)

De werkgever, indien het programma tot de taak van de werknemer behoort

c)

De werknemer, mits hij het auteursrecht heeft geregistreerd

10.

Wat is een kenmerk van een Creative Commons-licentie?

a)

De licentiehouder behoudt alle rechten en staat geen kopieën toe

b)

De licentiegever behoudt het auteursrecht en staat bepaalde vormen van gebruik toe

c)

De licentiehouder verliest alle rechten na verspreiding van het werk

11.

Wat zegt het materiële legaliteitsbeginsel in het strafrecht?

a)

Alleen stoffelijke zaken kunnen gestolen worden.

b)

Een feit is niet strafbaar als de relevante strafbepaling in strijd komt met de grondwet.

c)

Een feit is niet strafbaar als het niet op het moment van plegen in een wet als expliciet strafbaar is gesteld.

12.

Wat is een kenmerk van open source software licenties?

a)

De licentiegever verliest het auteursrecht.

b)

Bewerkingen en verspreiden zijn niet toegestaan.

c)

Bijlevering van broncode en licentie is verplicht.

13.

Wat kun je als softwareontwikkelaar het beste doen als je een octrooi wilt aanvragen voor je nieuwe technische uitvinding?

a)

Een klacht indienen bij de Autoriteit Consument en Markt

b)

Een aanvraag indienen bij het nationale of Europese octrooibureau

c)

Aangifte doen bij de politie

14.

Welke van de volgende voorwaarden is essentieel voor het verkrijgen van een octrooi?

a)

De uitvinding moet niet voor de hand liggen voor een gemiddeld bekwaam vakman

b)

De uitvinding moet reeds deel uitmaken van de stand der techniek

c)

De uitvinding moet uitsluitend in digitale vorm bestaan

15.

Welke rechten heeft een betrokkene volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming?

a)

O.a. recht op anonimiteit, recht op inzage, recht op rectificatie.

b)

O.a. recht op informatie, recht op inzage, recht op rectificatie.

c)

O.a. recht op informatie, recht op inzage, recht op verzet tegen iedere verwerking.

16.

Welke van de volgende stellingen over octrooi en auteursrecht op software is juist?

a)

Octrooi is niet en auteursrecht is wel mogelijk op de onderliggende ideeën van de software

b)

Octrooi is wel en auteursrecht is niet mogelijk op de onderliggende ideeën van de software

c)

Zowel octrooi als auteursrecht zijn mogelijk op de onderliggende ideeën van de software

17.

Wat is het verschil tussen een handelsnaam en een merk?

a)

Een handelsnaam is een beschermde naam voor een bedrijf, terwijl een merk een beschermde naam is voor een product of dienst

b)

Een handelsnaam is alleen relevant voor online bedrijven, terwijl een merk voor fysieke winkels geldt

c)

Een handelsnaam wordt alleen geregistreerd bij de Kamer van Koophandel, terwijl een merk bij een speciaal merkenbureau