wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Computerstoring bij Overheidsdiensten

Total questions: 17

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Wat was de oorzaak van de computerstoring bij de Nederlandse overheidsdiensten?

a)

Natuurramp

b)

Fout in softwarecode

c)

Fout in hardware

d)

Cyberaanval

2.

Welk netwerk was betrokken bij de storing?

a)

Ministerie van Onderwijs Netwerk

b)

Netherlands Armed Forces Integrated Network (NAFIN)

c)

Nederlands Politie Netwerk

d)

Defensie Communicatie Netwerk

3.

Wat was een gevolg van de storing op Eindhoven Airport?

a)

Vliegtuigen konden landen

b)

Vliegtuigen werden omgeleid naar andere luchthavens

c)

Vliegtuigen konden niet opstijgen

d)

Vliegtuigen konden normaal vliegen

4.

Hoeveel defensielocaties zijn verbonden via het NAFIN-netwerk?

a)

100

b)

150

c)

180

d)

200

5.

Wat zei minister Brekelmans over de veiligheid van processen bij Defensie?

a)

Ze waren in gevaar

b)

Er was geen indicatie van gevaar

c)

Ze waren volledig veilig

d)

Er waren geen problemen

6.

Wat was er niet mogelijk door de storing met DigiD?

a)

Account aanmaken

b)

Registreren

c)

Wachtwoord wijzigen

d)

Inloggen

7.

Wat is in 9 van de 10 gevallen de oorzaak van dergelijke storingen?

a)

Menselijke fout

b)

Technische storing

c)

Cyberaanval

d)

Natuurlijke oorzaak

8.

Wat was de impact van de storing op de communicatie tussen defensielocaties?

a)

Geen impact

b)

Communicatie was vertraagd

c)

Communicatie was volledig onderbroken

d)

Communicatie was verbeterd

9.

Welke maatregelen werden genomen om de gevolgen van de storing te beperken?

a)

Extra personeel inzetten

b)

Gebruik van alternatieve netwerken

c)

Geen maatregelen nodig

d)

Alle systemen uitschakelen

10.

Wat is een mogelijke lange termijn oplossing voor dergelijke storingen?

a)

Investeren in nieuwe technologie

b)

Meer personeel aannemen

c)

Systemen volledig automatiseren

d)

Regelmatig onderhoud uitvoeren

11.

Welke hulpdiensten werden ingeschakeld tijdens de storing?

a)

Luchtverkeersleiding en douane

b)

Militaire eenheden

c)

Politie, Rijkswaterstaat en KNRM

d)

Brandweer en ambulance

12.

Hoeveel extra kustwachtschepen werden ingezet?

a)

Twee

b)

Acht

c)

Zes

d)

Vier

13.

Wat deed het patrouillevliegtuig tijdens de storing?

a)

Het was niet operationeel

b)

Het vloog de hele nacht boven de kust

c)

Het landde om te tanken

d)

Het voerde een routinecontrole uit

14.

Wat is het NAFIN?

a)

Een communicatieprotocol

b)

Een noodplan

c)

Een zwaarbeveiligd netwerk

d)

Een type schip

15.

Wat was een gevolg van de storing voor de Kustwacht?

a)

Ze moesten hun systemen upgraden

b)

Er waren geen gevolgen

c)

Ze konden niet communiceren met schepen

d)

Ze kregen extra personeel

16.

Wat zei onafhankelijk techexpert Bert Hubert over de storing?

a)

Het had niets te maken met de beveiliging

b)

Het was een normale situatie

c)

Het was heel opmerkelijk dat de storing zo lang duurde

d)

Het was te verwachten

17.

Wat is een van de functies van het NCSC?

a)

Het coördineren van hulpdiensten

b)

Het versturen van beveiligingsberichten

c)

Het beheren van de kustwacht

d)

Het trainen van personeel