wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

ARGO Alfabet Herhaling

Total questions: 18

Worksheet time: 36mins

Name
Class
Date
1.

Welke bewering(en) is/zijn WAΑR ?

a)

Het Nederlandse alfabet telt 26 letters

b)

Het 'Klassiek' Latijnse alfabet telt 23 letters

c)

Het Griekse alfabet telt 24 letters

d)

Het alfabet dat wij gebruiken, het Latijnse, is afgeleid van het Griekse

2.

Wat is hiervan de kleine letter ?

a)

b)

c)

d)

3.

Wat is de naam van deze hoofdletter ?

a)

thèta

b)

èta

c)

rho

d)

epsilon

4.

Wat is hiervan de hoofdletter ?

a)

b)

c)

d)

5.

Wat is de naam van deze kleine letter ?

a)

chi

b)

psi

c)

dzèta

d)

xi

6.

Wat is de naam van deze hoofdletter ?

a)

pi

b)

rho

c)

phi

d)

psi

7.

Wat is hiervan de hoofdletter ?

a)

b)

c)

d)

8.

Wat is de naam van deze hoofdletter ?

a)

xi

b)

chi

c)

psi

d)

phi

9.

Wat is hiervan de hoofdletter ?

a)

b)

c)

d)

10.

Wat is de naam van deze kleine letter ?

a)

sigma

b)

alfa

c)

slot-sigma

d)

iota subscriptum

11.

Griekse accenten gaven ...

a)

de klemtoon aan

b)

de toonhoogte aan

12.

Welke bewering(en) is/zijn NIET WAAR ?

a)

Officiële Griekse teksten werden in steen gebeiteld

b)

Op steen gebeitelde teksten noem je inscripties

c)

Voor inscripties gebruikten de Grieken enkel kleine letters

d)

In inscripties ontbreken meestal leestekens en spaties

13.

Welke bewering(en) is/zijn WAAR ?

a)

Griekse getallen werden aangegeven door letters met een horizontale streep erboven

b)

De Griekse letter Υ/υ wordt in het Nederlands weer de i-grec/Griekse ij genoemd

c)

Het Grieks kent korte klinkers, lange klinkers en klinkers die kort of lang uitgesproken kunnen worden

d)

Tweeklanken bestaan uit 2 medeklinkers die samen een nieuwe klank vormen

14.

Vul de naam van een Griekse letter in:

Ik snap er geen ... van.

a)

alfa

b)

beta

c)

iota

d)

kappa

15.

Vul de naam van twee Griekse letters in:

Wie iets van het begin tot het einde doet, doet het van ... tot ...

a)

alfa tot dzèta

b)

alfa tot beta

c)

alfa tot omega

d)

omikron tot omega

16.

Welke bewering(en) is/zijn NIET WAAR ?

a)

αι

ει

οι

αυ

ευ

ου

zijn tweeklanken met een korte klinker

b)

Bij tweeklanken met een lange klinker schrijf je de iota onder die klinker, de zogenaamde iota subscriptum

c)

Als een woord begint met een klinker,

een tweeklank

of de letter rho,

staat er een spiritus bovenop

d)

17.

Het vierde woord in deze tekst spreek je uit als ...

a)

mausa

b)

moesa

c)

moisa

d)

muisa

18.

Welke bewering(en) is/zijn WAAR ?

a)

γγ

γκ

γχ

γξ

zijn moeilijk uitspreekbare medeklinkergroepen

b)

Leestekens in het Grieks en het Nederlands zijn exact hetzelfde

c)

De spiritus lenis levert in de uitspraak de h-klank op

d)

Dit alles is de

βαςισ

van het Griekse Alfabet!