wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

1.1 - 1.4 natuurwetenschappen, veiligheid, onderzoeken

Total questions: 18

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Welke van de volgende onderwerpen valt NIET onder de natuurwetenschappen?

a)

De beweging van planeten

b)

De samenstelling van water

c)

De groei van planten

d)

De geschiedenis van de mensheid

2.

Waarom is het vak NaSk belangrijk voor onze samenleving?

a)

Om verhalen te kunnen vertellen

b)

Om kunstwerken te kunnen maken

c)

Om de wereld om ons heen beter te begrijpen

d)

Om talen te kunnen leren

3.

Welke wetenschap houdt zich vooral bezig met de eigenschappen van stoffen en de veranderingen die ze ondergaan?

a)

Natuurkunde

b)

Scheikunde

c)

Biologie

d)

Wiskunde

4.

Wat is een model in de wetenschap?

a)

Een klein voorwerp

b)

Een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid

c)

Een wetenschapper

d)

Een experiment

5.

Waarom gebruiken wetenschappers modellen?

a)

Om het er leuker uit te laten zien

b)

Om complexe zaken te vereenvoudigen

c)

Om te kunnen tekenen

d)

Om geheimen te bewaren

6.

Welk van de volgende is GEEN voorbeeld van een model in de natuurwetenschappen?

a)

Een formule voor de snelheid

b)

Een bouwtekening van een atoom

c)

Een computersimulatie van een sterrenstelsel

d)

Een foto van een plant

7.

Welke van de volgende is GEEN veiligheidsregel in een NaSk-lokaal?

a)

Draag altijd een labjas.

b)

Proef nooit aan stoffen.

c)

Ren door het lokaal.

d)

Werk geconcentreerd.

8.

Waarvoor dient een oogdouche in het NaSk-lokaal?

a)

Om je handen te wassen.

b)

Om je ogen te spoelen bij contact met stoffen.

c)

Om brand te blussen.

d)

Om proefbuizen schoon te maken.

9.

Wat moet je altijd doen voordat je een brander aansteekt?

a)

De luchtring helemaal open draaien.

b)

De gaskraan helemaal dicht draaien.

c)

De gasregelknop dicht draaien.

d)

Alle bovenstaande opties.

10.

Welke van de volgende is GEEN goede onderzoeksvraag?

a)

Wat is de invloed van licht op de groei van planten?

b)

Is chocolade lekker?

c)

Tussen welke temperaturen lost suiker het snelst op in water?

d)

Valt een tennisbal sneller dan een pingpongbal?

11.

Wat is een belangrijk kenmerk van een goede onderzoeksvraag?

a)

Dat het een korte vraag is.

b)

Dat het een vraag is die je zelf hebt bedacht.

c)

Dat het een vraag is die beantwoord kan worden door een experiment.

d)

Dat het een vraag is die iedereen interessant vindt.

12.

Wat is een grootheid?

a)

Een instrument om iets te meten.

b)

Een eigenschap die je kunt meten, zoals lengte of massa.

c)

De waarde van een meting.

d)

Een wetenschappelijke theorie.

13.

Wat is een eenheid?

a)

Het instrument dat je gebruikt om te meten.

b)

De persoon die de meting uitvoert.

c)

De standaard waarmee je een grootheid vergelijkt, zoals meter of gram.

d)

Het resultaat van een meting.

14.

Wat is de naam van dit voorwerp

a)

kroezentang

b)

labschaar

c)

labtang

d)

medische tang

15.

Op welke van deze afbeeldingen is een maatcilinder afgebeeld?

a)
b)
c)
d)
16.

11 d) Geef de juiste benaming van het persoonlijke beschermingsmiddel.

a)

Gelaatsscherm

b)

Laskap

c)

Ruimzichtbril

d)

Veiligheidsbril

17.

Deze vlam noemen we ook wel de 'pauzevlam'

a)

gele vlam

b)

blauwe vlam

c)

ruisende vlam

18.

Bij deze vlam staat de luchtring het meest open, er komt dus veel zuurstof bij.. Je hoort de vlam goed.

a)

Blauwe vlam

b)

Ruisende vlam

c)

Gele vlam