wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Project inleiding

Total questions: 14

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Wat betekent ADHD

a)

Attention and Deficit Hyper Disorder

b)

Attention Deficit Hyperactivity Disorder

c)

Active Deficit Hyper Disorder

d)

Attention Deficit Hypersensitivity Disorder

2.

Welke van de volgende symptomen wordt vaak geassocieerd met ADHD?

a)

Concentratieproblemen

b)

Overmatig slapen

c)

Verminderde eetlust

d)

Hoge bloeddruk

3.

Welke behandeling wordt vaak gebruikt bij ADHD?

(a)  

4.

Wat is faalangst?

a)

De angst voor hoge hoogtes

b)

De angst om te falen of niet te voldoen aan verwachtingen

c)
  • De angst voor spinnen

d)

De angst om alleen te zijn

5.

Welke van de volgende symptomen wordt vaak geassocieerd met faalangst

a)

Overmatig zweten en hartkloppingen

b)
  • Euforie en overmatig lachen

c)

Onverschilligheid en apathie

d)
  • Verhoogde eetlust

6.

Wat is een vaak toegepaste behandelingsvorm voor faalangst?

(a)  

7.

Faalangst komt vaker voor bij mensen met een perfectionistische persoonlijkheid.

a)

Waar

b)

Niet Waar

8.

Een leesstoornis waarbij iemand moeite heeft met het herkennen en verwerken van geschreven woorden

(a)  

9.

Welke van de volgende is een veelvoorkomend kenmerk van dyslexie?

a)

Moeite met rekenen

b)

Moeite met het begrijpen van lichaamstaal

c)

Moeite met het snel lezen van teksten

d)

Moeite met het herkennen van gezichten

10.

Een rekenstoornis waarbij iemand moeite heeft met het begrijpen en uitvoeren van wiskundige taken

(a)  

11.

Welke van de volgende is een veelvoorkomend kenmerk van dyscalculie?

a)

Moeite met het onthouden van rekenregels

b)

Moeite met het lezen van teksten

c)

Moeite met het herkennen van gezichten

d)

Moeite met het begrijpen van metaforen

12.

Een ontwikkelingsstoornis die invloed heeft op communicatie, sociaal gedrag en het verwerken van informatie

(a)  

13.

Welke van de volgende is een veelvoorkomend kenmerk van autisme?

a)

Overmatig praten

b)

Moeite met sociale interacties

c)

Extreem hoge intelligentie op alle gebieden

d)

Gebrek aan emotie

14.

Wat vond jij het meest boeiende van de les?

2 lines

Similar Resources on Wayground