wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Quiz H1

Total questions: 14

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Tot welke categorie wordt de reparatie van je wasmachine gerekend?

a)

Incidentele uitgave - Diensten

b)

Incidentele uitgave - Goederen

c)

Vaste lasten - Diensten

d)

Vaste lasten - Goederen

e)

Huishoudelijke uitgave - Diensten

2.

Een overzicht van verwachte ontvangsten en uitgaven noem je een...

(a)  

3.

De volgende gegevens zijn bekend. Bereken het secundaire inkomen:
Belasting: € 4.000
Salaris: € 35.000
Verhuur appartement: € 5.000

a)

€ 44.000

b)

€ 26.000

c)

€ 36.000

d)

€ 35.000

4.

Merten verdient bij de supermarkt € 50 per week. Hoeveel is dat per maand?

a)

€ 200

b)

€ 216,67

c)

€ 212,50

d)

€ 239,67

5.

Wat wordt er bedoeld met het economische begrip schaarste?

4 lines
6.

Welke stelling(en) is/zijn juist?
1: Wat een luxe behoefte is, is voor iedereen gelijk (alle mensen zien dezelfde dingen als luxebehoefte).
2: De bedragen van vaste lasten kunnen niet veranderen.

a)

Beide stellingen zijn onjuist.

b)

Alleen stelling 1 is juist.

c)

Alleen stelling 2 is juist.

d)

Beide stellingen zijn juist.

7.

Inkomen dat je ontvangt zonder directe tegenprestatie noemen we...

(a)  

8.

Een doosje aardbeien van 500 gram kost in 2023 € 3,45. Een jaar later is dat € 3,88. Bereken de stijging in procenten. Rondt af op één decimaal.

(a)  

9.

Een doosje aardbeien van 500 gram kost in 2023 € 3,45. Een jaar later is dat € 3,88.
De prijs stijgt het volgende jaar weer, nu met 7,5%. Bereken de nieuwe prijs.

a)

€ 3,95

b)

€ 4,01

c)

€ 4,17

10.

Martine heeft een budget van € 150 per maand.
Een pizza bestellen kost € 13,50 per stuk.
Een retourtje naar haar oma kost € 21,00 per keer.

Hoeveel keer per maand kan ze pizza bestellen?

a)

10 x

b)

11x

c)

11,11 x

d)

10,11x

11.

Martine heeft een budget van € 150 per maand.
Een pizza bestellen kost € 13,50 per stuk.
Een retourtje naar haar oma kost € 21,00 per keer.

Hoeveel keer per maand kan ze naar haar oma als ze 4 pizza's besteld?

a)

4 x

b)

5 x

c)

6 x

d)

7 x

12.

De blauwe lijn staat voor de huidige situatie. Wat wordt de budgetlijn als de prijs van één van beide producten verandert?

a)

Rood

b)

Groen

13.

Tot welke categorie behoren de eerder genoemde aardbeiden?

Licht je antwoord toe:

  • - Vaste lasten; Huishoudelijke uitgaven; Incidentele uitgaven;
    - Basisbehoeften; Normale behoeften; Luxe behoeften;
    Gebruiksgoederen; Verbruiksgoederen; Diensten;

4 lines
14.

Teken een smiley van je verwachting voor de toets volgende week.