wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema 1 Verbranding & Ademhaling

Total questions: 21

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Welke twee stoffen hebben wij nodig voor verbranding?

a)

Brandstof

b)

Water

c)

Zuurstof

d)

Koolstofdioxide

2.

Wat is de naam van de brandstof die mensen nodig hebben voor verbranding?

(a)  

3.

Wanneer vindt verbranding plaats in onze cellen?

a)

Alleen overdag

b)

Altijd

c)

Alleen in de nacht

4.

Waar of niet waar: bij een grotere inspanning hebben we meer energie nodig.

a)

Waar

b)

Niet waar

5.

Wat is de naam van de bolletjes die aan je luchtpijptakjes zitten?

(a)  

6.

Waarom is het beter om via je neus adem te halen, dan via je mond?

a)

Het maakt de lucht vochtig

b)

Het verwarmt de lucht

c)

Het houdt ziekteverwekkers tegen

d)

Het houdt kleine stofdeeltjes tegen

7.

Waarmee is je neusholte bedekt?

a)

Bronchiën

b)

Neusslijmvlies

c)

Gehemelte

8.

Wat doen de trilharen?

a)

Verplaatsen slijm naar de keelholte

b)

Verwarmen de lucht

c)

Beschermen tegen ziekteverwekkers

9.

Wat gebeurt er met de huig en het strotklepje als ik eten wil gaan doorslikken?

a)

Ze sluiten de neusholte en luchtpijp af

b)

Ze gaan open staan

c)

De huig sluit zich af en het strotklepje gaat open staan

d)

De huig gaat open staan en het strotklepje gaat dicht

10.

Uit welke stof is de luchtpijp gemaakt?

(a)  

11.

Welke stof wordt opgenomen in het bloed?

a)

Zuurstof

b)

Koolstofdioxide

c)

Stikstof

12.

Welke stof wordt afgegeven aan de lucht in het longblaasje?

a)

Zuurstof

b)

Koolstofdioxide

c)

Stikstof

13.

Zijn de luchtpijp, de bronchiën en de longblaasjes ook bekleed met slijmvlies?

a)

Ja

b)

Nee

14.

Het wisselen van gassen in het bloed heet:

a)

Stofwisseling

b)

Uitwisseling

c)

Gaswisseling

15.

Hoe heten de vaten die aan de longblaasjes zitten

(a)  

16.

Het middenrif gebruiken we bij de buikademhaling. Waar of niet waar?

a)

Waar

b)

Niet waar

17.

Welke stof in een sigaret kan voor hart- en vaatziekten zorgen?

a)

Teer

b)

Zoetstof

c)

Gelatine

18.

Uit welke stof bestaat ''smog''?

a)

Zuurstof

b)

Stikstof

c)

Fijnstof

19.

Komt koolstofmonoxide vrij bij volledige- of onvolledige verbranding?

a)

Volledige verbranding

b)

Onvolledige verbranding

20.

Welke stoffen hebben planten nodig bij fotosynthese?

a)

Water

b)

Koolstofdioxide

c)

Zuurstof

d)

Glucose

21.

Waar vindt verbranding plaats in onze cellen?

a)

In de celkern

b)

Op de ribosomen

c)

In de bladgroenkorrels

d)

In de mitochondriën